Archive for the ‘Weblog NL’ Category

juli 17th, 2018 · by John · Weblog NL

Elke organisatie en ieder bedrijf opereert in een bepaalde omgeving. En die omgeving is aan veranderingen onderhevig die vaak snel en veelvuldig zijn. Je organisatie zal zich daaraan moeten aanpassen. Verandermanagement richt zich op het doorvoeren van veranderingen in bedrijven. Het betreft daarbij vaak ingrijpende processen die een goede communicatie vergen om mensen zo ver te krijgen dat ze meewillen werken aan die veranderingen. En met die communicatie gaat het juist vaak mis.

Zorg dat je een verhaal hebt

Communiceren over veranderingen lijkt simpel. Je laat een consultant een paar prachtige PowerPoint-slides maken. Die presentatie zet je op de e-mail naar je middenmanagement met het verzoek die op het eerstkomende werkoverleg te bespreken. Die sturen het, wederom via de e-mail, ter informatie door naar hun medewerkers met de vraag of er nog vragen zijn.

Deze vorm van communicatie werkt niet! Je kunt niet van mensen verwachten dat ze veranderingen omarmen die ze niet begrijpen. Bovendien vergroot deze indirecte en onpersoonlijke manier van communiceren de kloof tussen het management dat onbegrijpelijke plannen heeft bedacht, en de werkvloer die deze plannen moeten gaan uitvoeren. Medewerkers willen betrokken worden bij iets dat zij begrijpen en onderschrijven.

Hoe moet het dan wel? Elke verandering heeft een “verhaal” nodig om orde aan te brengen in schijnbaar willekeurige en onsamenhangende informatie. Dat verhaal doet mensen snappen waar het over gaat. En het moet goed worden verteld; hoe interessanter en meeslepender hoe beter. In bijvoorbeeld speeches, een filmpje of een leuk veranderboek.

Zorg dat je geloofwaardig bent

Het is altijd goed om het verhaal positief te maken; dat kan mensen motiveren. Maar wat je nooit moet doen is alleen voordelen benoemen en nadelen onvermeld laten. Probeer ook niet te pretenderen dat de verandering snel en eenvoudig kan worden doorgevoerd. Ieder mens weet dat er aan een verandering nadelen kleven, en dat een doel nooit bereikt wordt zonder inspanningen, tegenslagen en opofferingen. Zeventig procent van alle verandertrajecten mislukt nu eenmaal. Je bent dan dus niet geloofwaardig en mensen zullen niet gemotiveerd zijn om te veranderen.

Hoe moet het dan wel? Wees niet alleen maar positief over het veranderproces. Communiceer eerlijk over de nadelen, de moeilijkheden en de risico’s. Dat is de enige manier om van een kritisch publiek dat je bij een verandering altijd tegenover je hebt, het voordeel van de twijfel te krijgen.

Vertel wat medewerkers kunnen en mogen verwachten

Vaak is het doel van een veranderingsproces, dat medewerkers meer initiatieven gaan nemen, dat zij hun kennis, ervaring, talent en inzichten gaan inzetten. En daarbij hoort een nieuw type leiderschap, dat meer op ontwikkeling van mensen dan op beheersing en controle is gericht. Dit impliceert echter dat het “oude leiderschap” een cultuur uitdroeg waarin initiatieven nemen juist niet de bedoeling was. En mensen moeten dus maar geloven dat die cultuur van “denken, daar word jij niet voor betaald”, in één keer wordt afgeschaft? Dat doen ze dus niet: ze gaan achterover zitten, met de armen over elkaar, en zeggen: “nou, kom maar op dan met je visie”. En vervolgens verandert er niets.

Hoe moet het dan wel? Verandermanagement is ook verwachtingen managen. Als het doel is dat medewerkers meer gaan meedenken, dan moet je ze daar expliciet toestemming voor moeten geven. En dan niet op de manier van: “voortaan moeten jullie meedenken”, maar door te zeggen: “voortaan mogen jullie meedenken”. Mensen uitnodigen mee te denken en follow-up geven op hun inbreng is een vorm van waardering, een van de belangrijkste ingrediënten voor een goede relatie. En die verandering? Die gaat dan haast vanzelf!

John Greijmans

juni 29th, 2018 · by John · Weblog NL

Vergeleken met nog geen twintig jaar geleden is ons werk er heel anders uit gaan zien. Velen hebben bijvoorbeeld geen vaste werkplek meer. Daarnaast zijn we letterlijk 24/7 te bereiken, via diverse kanalen. Dit is zo snel gegaan dat we zijn vergeten ons aan te passen aan deze veranderde en veranderende wereld. Onze “werk-privé-balans” is niet meer in evenwicht. Wat zijn de feiten?

Dankzij nieuwe technologieën en voortschrijdende globalisering zijn we niet meer gebonden aan een negen-tot-vijf werkpatroon. De term “werk-privé-balans” is dan ook een drogredenering. Er is maar één ding wat telt en dat is jouw persoonlijke leven. Dat leven omvat meer dan je werk en de term privé dekt die lading niet. Het omvat niet alleen je gezin, maar bijvoorbeeld ook je vrienden en hobby’s; kortom alles wat belangrijk is in je leven. Dus ook je werk, al was het alleen maar om in je levensonderhoud te voorzien. Dat “gehele leven” moeten we zien te managen. Hoe doen we dat?

1. Maak bewuste en weloverwogen keuzes

Als je beslissingen maakt over wat je op een bepaalde dag gaat doen, neem dan alle relevante aspecten van je leven in de overwegingen mee. Gebruik maar één agenda met daarin zowel je zakelijke als je andere, niet noodzakelijkerwijs werk gerelateerde afspraken. Daardoor houd je het overzicht en kun je weloverwogen keuzes maken over wat je wanneer prioriteit geeft.

2. Maak wekelijks een plan  

Ons werk is flexibel geworden en dat betekent dat we niet per se al onze zakelijke activiteiten binnen het tijdsbestek van negen tot vijf moeten afronden, om daarna aan de andere belangrijke zaken in je leven te denken. Maak daarom aan het begin van elke week een overzicht van de activiteiten die je die week moet of wilt doen. Dat kunnen bijvoorbeeld zijn, zaken die je moet kopen, een offerte die je moet uitbrengen of een uur naar de sportschool. Met dit overzicht kun je dan plannen wat je die week wanneer gaat doen. En ja, als je teveel op je bord hebt genomen zul je prioriteiten moeten stellen. Vraag je dan bij elke activiteit af of deze belangrijk en urgent is.

3. Erken dat iedere week verschillend is

De ene week kom je terug van een zakenreis en de andere week ben je scheidsrechter bij een voetbalwedstrijd van je dochter. Daarnaast heb je taken die maar één keer voor komen en andere activiteiten moet je met enige regelmaat uitvoeren. Zorg daarom dat je voldoende tijd overhoudt voor de eenmalige taken, en dat je niet verdrinkt in de waan van de week.

4. Vier je successen

Hoe goed je ook plant, er zullen zich altijd onverwachte dingen voordoen in je leven. Leuke en minder leuke. Het zal dan ook voorkomen dat je de ene week met gemak al je taken afrondt, en de week daaropvolgend helemaal niet. That’s life! Naar perfectie moet je streven, maar je zult het nooit bereiken. Een beetje vooruitgang is nog altijd beter dan stilstand. Wees blij met wat je in een bepaalde week hebt gedaan, en zie uit naar de volgende week waarin je wellicht meer kunt doen.

John Greijmans

juni 21st, 2018 · by John · Weblog NL

De afgelopen week sprak ik met een goede vriendin. Zij denkt er over om zelfstandig ondernemer te worden. Maar, zei ze, “ik weet niet of ik dat kan, want als ondernemer moet je netwerken, en verkopen kan ik niet”. Die avond ging ik naar een bijeenkomst van een club, op uitnodiging van diezelfde vriendin. Van te voren gaf ze me daarbij duidelijk aan dat het niet de bedoeling was om daar te gaan netwerken: “we zijn er immers voor de gezelligheid, en daar horen geen commerciële activiteiten bij”.

Een paar dagen later las ik een column in het NRC van Tom-Jan Meeus getiteld “Netwerkbederf bij GroenLinks en OM”. Meeus was, naar zijn zeggen op LinkedIn beland omdat hij “had opgevangen dat netwerken enorm belangrijk is geworden, en als dingen enorm belangrijk zijn wil je ze niet missen”. Hij krijgt nu vaak een bericht als ‘Feliciteer Piet Pieterse met vier jaar in dienst bij Piet Pieterse BV’, maar denkt nooit: “goed idee, even Piet Pieterse feliciteren”. Hij denkt namelijk dat “je meer hebt aan goed werk – aan kwaliteit, collegialiteit, oog voor de wereld, etc.” En even verder “want handig contacten kunnen leggen voor je carrière – wat zegt dat nou helemaal?”

Het is een bekend en hardnekkig misverstand, maar netwerken is geen netter woord voor verkopen. En iedereen kan netwerken. Het is zelfs onmogelijk om géén netwerk te hebben. We hebben namelijk bijna alle maal tientallen warme contacten. Zulke netwerken zijn waardevol. Niet om aan te verkopen, want een netwerk bouw je niet op om je product aan te slijten. Dat verkopen, maar ook inkopen, besteed je uit aan derden: aan dat netwerk.

Uitbesteden aan je contacten is de kern van echt netwerken: de mensen in je netwerk leggen contact met de doelgroep buiten dat netwerk. Zij bevelen je bij iedereen die bij jouw product is gebaat en vormen zo je gratis marketingteam. Of ze kennen iemand die jouw specifieke probleem kan oplossen. Een team dat altijd aan het werk is, ook als jij ‘Schuld en Boete’ zit te lezen of een uitvoering van de ‘Zauberflöte’ bezoekt.

Dus beste vriendin, netwerken is niet verkopen, netwerken is het opbouwen en onderhouden van contacten. Contacten die ooit iets voor jou kunnen betekenen. Of jij voor hun! En dat laatste is echt het grote verschil met verkopen: netwerken is wederkerig. De oude romeinen zeiden het al ‘do ut des’ of ‘ik geef opdat mij gegeven wordt’.

En dus beste Tom-Jan Meeus, op mijn LinkedIn heb ik veel buitenlandse contacten, verspreid over de hele wereld, waarmee ik samen heb gewerkt of die ik anderszins heb ontmoet. Ik zal hen hoogstwaarschijnlijk nooit meer zien. En toch feliciteer ik ze met hun verjaardag of hun nieuwe baan, als LinkedIn me daarover een bericht stuurt. Want stel dat ik weer eens in Franschhoek in Zuid-Afrika kom en mijn favoriete restaurant zit vol, dan kan Jessica wel wat regelen. Uiteraard nodig ik haar dan ook uit mee te eten, want dat is wel zo gezellig.

John Greijmans

PS: Jessica bestaat echt en als Zuid-Afrikaanse kan ze deze blog lezen. Weer een kans benut om het contact met mijn netwerk te onderhouden.

juni 15th, 2018 · by John · Weblog NL

Ik had beloofd niet meer over de bitcoin te schrijven, en ga dat ook niet doen. Maar in mijn laatste blog over cryptovaluta was ik positief over de mogelijkheden die de onderliggende blockchain-technologie kan bieden. Daarop wil ik hier terugkomen, maar ik beloof het b-woord niet te gebruiken.

Blockchain is een populair onderwerp op sociale en traditionele media. Het voorkomt ruis, misverstanden en fraude, en zorgt over de hele administratieve keten voor transparantie. Onderzoeksbureau Gartner stelt dat “de blockchain is hoog in de hype en bevindt zich op het hoogtepunt van alle verwachtingen” en het “gaat de wereld op grote schaal veranderen”. Dat klinkt prachtig, maar is het ook waar?

Wat is blockchain?

Een blockchain is één gedistribueerde database die over meerdere computers (nodes) verspreid is opgeslagen en wordt bijgehouden. Het is een groeiende lijst van data-items, zoals geld, spaarpunten of contracten, die beschermd zijn tegen manipulatie en vervalsing. Zelfs de beheerder van de nodes kan deze gegevens niet vervalsen. Binnen dit gedistribueerde systeem vindt uitwisseling en verificatie van gegevens plaats tussen de vele nodes.

Nadelen van blockchain

Op papier en voor cryptovaluta functioneert de blokchaintechnologie ‘perfect’, maar in de praktijk zijn er nogal wat nadelen.

Het energieverbruik is extreem hoog, doordat elke transactie door een grote hoeveelheid computers moet worden gevalideerd. Vanwege het open-source karakter en de grote hoeveelheid data die voor altijd geregistreerd staan, groeit het block-chainnetwerk exponentieel. Het versturen van een ethereum, een alternatief voor het b-woord,  kost per transactie evenveel energie als anderhalf huishouden per dag. Dat is ongeveer vijfduizend keer duurder als een transactie met Visa. Een niet echt milieuvriendelijke oplossing dus.

Over vriendelijk gesproken. Voor technisch georiënteerden onder ons zal het allemaal wel te begrijpen zijn, maar voor de meeste mensen kenmerkt de blockchain-technologie zich niet door gebruiksvriendelijkheid. Met name de snelheid behoeft verbetering.

Voor de anarchisten onder de blockchainliefhebbers zal het een voordeel zijn, maar er is een groot probleem met de ontbrekende governance. Transacties kunnen worden afgesloten, maar er is geen toezichthouder die er voor kan zorgen dat ze ook worden afgedwongen. Dit wordt mede veroorzaakt omdat de identiteit van de betrokkenen niet is vast te stellen. In de meeste gevallen zijn de namen van betrokken partijen namelijk niet zichtbaar. Zou dat wel het geval zijn, dan is er een ander probleem: de ongewenste transparantie op transactieniveau. Alles is voor alle betrokkenen zichtbaar, en nog erger: het kan niet verwijderd worden. In het kader van de AVG is dat laatste wel een issue.

Niet doen dus, die blockchain?

Nee, dat gaat me te ver. Problemen zijn er om op te lossen en de ontwikkelingen gaan snel. Op allerlei gebieden worden experimenten uitgevoerd. Bij de gemeente Haarlem is een ‘proof of concept’ ontwikkeld voor het verifiëren van waardepapieren via een publiek blockchainnetwerk. De gebruikte technologie kan verifiëren dat informatie die wordt uitgewisseld correct is en niet kan worden gemanipuleerd.   

Als de echtheid van digitaal verstrekte documenten gewaarborgd is, hoeven mensen niet meer naar het gemeentehuis voor bijvoorbeeld een aanvraag voor een woning bij de woningbouwvereniging. Ook andere innovaties zijn mogelijk. De in Haarlem gebruikte  technologie neemt bovendien een aantal van de genoemde nadelen weg, zoals het energieverbruik  en de lage transactiesnelheid.

De blockchaintechnologie is (nog) geen wondermiddel, daarvoor zijn er te veel onopgeloste problemen. Anderzijds gaan de ontwikkelingen snel en biedt de technologie grote voordelen. Ik blijf het in ieder geval positief kritisch volgen. B-woord of geen b-woord.

John Greijmans

juni 7th, 2018 · by John · Weblog NL

Het is iets wat je probeert te vermijden, maar het komt toch regelmatig voor: een arbeidsconflict. Ook mij is het helaas een aantal keren overkomen. Een arbeidsconflict is vervelend voor alle betrokkenen en moet daarom snel worden opgelost. Daarbij hoort de werkgever, meestal in de persoon van de direct leidinggevende het voortouw te nemen. Dat is misschien lastig, maar het hoort bij goed werkgeverschap en is onderdeel van je functie als leidinggevende. Dertig jaar ervaring heeft mij, met vallen en opstaan, een aantal zaken geleerd. Deze wil ik graag met jullie delen.

Wacht niet tot de bom barst

Zie de feiten zo snel mogelijk onder ogen. Als je merkt dat er spanningen zijn tussen medewerkers, mag je wel even wachten voordat je ingrijpt, maar ga er nooit vanuit dat het in alle gevallen vanzelf zal verdwijnen. Een onopgelost conflict blijft namelijk sluimeren totdat de bom barst. Niet alleen de “kemphanen” hebben last van het conflict; het hele team heeft te kampen met de stress die het oplevert. Handel daarom snel voordat er twee kampen ontstaan binnen je organisatie.

Onderhandel en communiceer

Breng de partijen bij elkaar en geef ze de gelegenheid het verhaal vanuit hun kant toe te lichten. Zeg daarbij nadrukkelijk dat het conflict alleen kan worden opgelost door te communiceren en te onderhandelen. Het probleem midden op de werkvloer uitpraten heeft geen zin; neem de partijen apart en spreek achter gesloten deuren. Maak duidelijk dat het gesprek maar één doel heeft: een oplossing vinden voor het conflict. Luister en blijf objectief en zeg vooraf dat je geen van beide kanten kiest.

Breng het probleem in kaart

Stel vragen om achter de exacte reden van het conflict te komen. Benoem de belangrijkste problemen en vertel hoe ze van invloed zijn op de individuele prestaties, hoe ze de dienstverlening verstoren en daardoor de relaties met klanten beschadigen. Zorg dat iedereen het eens is met de aard van het probleem, voordat je op zoek gaat naar een oplossing.

Zoek naar een oplossing

Het kan zijn dat het probleem niet werk gerelateerd is, maar het gevolg van conflicterende persoonlijkheden. Maak dan duidelijk dat een werk gerelateerd conflict nog te aanvaarden is, maar dat ruzie op basis van persoonlijkheden onprofessioneel is en niet wordt getolereerd. Het kan zijn dat iemand het gevoel heeft -en uit- dat hij bij een oplossing als winnaar uit de bus komt. De kans is groot dat de andere partij dan ontevreden blijft, en er een nieuw conflict kan ontstaan. Richt je daarom op oplossingen waarmee beide partijen tevreden zijn. Vraag ze bijvoorbeeld mogelijke oplossingen aan te bieden en hoe ze zich persoonlijk daarvoor zullen inzetten.

Los het conflict op

Nadat mogelijke oplossingen zijn besproken, moet er worden besloten welke oplossing het beste is voor iedereen. Zet deze op papier en zorg dat beide partijen het met die oplossing eens zijn. Spreek momenten af waarop je gezamenlijk controleert of de uitkomst wordt nageleefd. Houd regelmatig in de gaten of het goed blijft gaan, en spreek je waardering uit als je ziet dat dit het geval is. En dan is het wachten op een volgend andersoortig conflict met andere partijen…

John Greijmans

juni 1st, 2018 · by John · Weblog NL

Wil je echt carrière maken, dan moet je minimaal één vaardigheid ontwikkelen. En dat is verkopen. Ben je in loondienst of heb je een eigen bedrijf, werk je rechtstreeks met klanten of zit je in een rol waarin je nooit met klanten omgaat, verkoopvaardigheden zijn altijd nuttig. Veel mensen denken bij  het woord ‘sales’ aan kwestieuze activiteiten als het onder druk zetten en manipuleren van potentiële klanten. Daarbij doemen stereotypen op als de verkoop van tweedehands auto’s of dure timeshare-appartementen. Maar verkopen is iets heel anders, en in ieder geval veel meer dan dat.

Een goede omschrijving van het begrip sales is: het geven van een duidelijke verklaring van het waarom en de voordelen van een actie of beslissing. Uit deze definitie blijkt dat je in elke baan moet kunnen verkopen. Iedereen moet namelijk wel eens, en waarschijnlijk vaker:

  • Collega’s overtuigen van een idee of initiatief
  • Managers of klanten bewijzen dat een project rendeert
  • Medewerkers de voordelen van een nieuw proces te doen begrijpen, teneinde de vereiste veranderingen te doen omarmen.

Luisteren en communiceren is van cruciaal belang op elk gebied, en door samen te werken met verkopers leer je meer over effectieve communicatie dan in welke andere rol dan ook. Welke vaardigheden doe je dan zo al op? 

Zelfdiscipline

Wanneer je in groot bedrijf, is het wellicht nog mogelijk om minder dan maximale inspanningen te leveren en toch salaris te krijgen. Als je loon deels of uitsluitend is gebaseerd op het verdienen van commissies, wordt moeite beloond en een gebrek aan inzet bestraft. Sales is een baan waar prestaties van haast absolute invloed zijn op resultaat en beloning.

Onderhandelen

Succes vereist onderhandeling met collega’s, bazen, andere afdelingen, klanten of leveranciers. Werken in sales helpt je daarom het vermogen te ontwikkelen om te luisteren, mogelijkheden te evalueren, belanghebbenden en hun drijfveren te identificeren, om te gaan met bezwaren en tegengestelde meningen, en de manier te vinden om overeenstemming te bereiken. Goede onderhandelaars werken op korte termijn en denken op de lange termijn.

Doorzettingsvermogen

Als verkoper hoor je het woord ‘nee’ bijna net zo vaak als het woord ‘hallo’. Je leert echter snel “nee” te zien als een volgende uitdaging en als feedback om je prestaties te verbeteren.

Mensenkennis

Vrienden kunnen we kiezen, klanten zelden. Als verkoper leer je om te gaan met diversiteit in de meest brede zin van het woord. Je komt te weten hoe aarzeling of verlegenheid te overwinnen en je ontwikkelt de vaardigheden om met vertrouwen om te gaan met onbekende of zelfs ongemakkelijke situaties.

Deals sluiten

Veel mensen vinden het moeilijk om te vragen wat ze willen. Het bereiken van een overeenkomst met anderen, en anderen zover krijgen dat ze zich aan die afspraken houden, is een ‘must have skill’ voor verkopers en zeer bruikbaar in welk ander beroep dan ook. 

Specifiek voor ondernemers zijn verkoopvaardigheden van levensbelang. Als zij niet over de noodzakelijke ‘sales skills’ beschikken, staan ze voor hele grote uitdagingen. Zeker bij het starten van je bedrijf, moet je financiering los kunnen krijgen bij banken, medewerkers motiveren, overeenkomsten uitonderhandelen en uiteraard klanten overtuigen.

Nog steeds bang om in sales te werken? Dat is dat een aansporing om eens echt in een verkooprol te werken, al is het maar voor korte tijd. Het kan zijn dat je denkt dat je de vaardigheden mist om dat goed te kunnen doen. Maar maak je dan geen zorgen: zelfs als je een moeilijke start maakt, krijg je snel meer zelfvertrouwen en doe je vaardigheden op die je voor altijd en overal kunt gebruiken.

John Greijmans

mei 22nd, 2018 · by John · Weblog NL

Ik had me voorgenomen geen artikelen meer over bitcoins te schrijven. Drie was mooi genoeg. Maar op mijn laatste blog kreeg ik een reactie van iemand die het niet met mij eens was. Dat juich ik toe, zeker omdat ik die niet zo vaak krijg, als het over bitcoins gaat. Daarom nog één keer: de bitcoin. De ontvangen reactie was kort: “Dit mag je dezelfde strijd noemen als de PTT Post tegen de e-mail. Blockchain is de toekomst.”. Maar ook een korte zin kan veel informatie bevatten.

Wat als eerste opvalt is het gebrek aan historische kennis. Dertig jaar geleden was er inderdaad een bedrijf dat PTT Post heette, tien jaar later heette het TPG Post, daarna TNT Post en nu alweer enkele jaren is de naam PostNL. Daarnaast is het natuurlijk niet “de PTT Post”, maar gewoon PTT Post. Wat echter van belang is, is dat deze organisatie, onder welke naam dan ook, nooit heeft gestreden tegen e-mails. Die vergelijking gaat dus mank. Maar er is wel iets te zeggen over de relatie tussen e-mail en bitcoin, zowel op het gebied van de gebruikte technologie en de eigenschappen van het product.

Technologie

E-mail is gebaseerd op internettechnologie. Die bestaat al zo’n veertig jaar en heeft zich bewezen door een veelheid van toepassingen. De bitcoin is gebaseerd op blockchaintechnologie, nog niet zo oud als het internet, maar wel veelbelovend. En die belofte voor de toekomst gaat vele malen verder dan cryptovaluta waar iedereen het mee associeert. Een half minuutje googelen levert je vele voorbeelden op van veel interessantere toepassingen.

Product

E-mail heeft niet alleen een groot deel van de communicatie op papier vervangen, het heeft schriftelijk communiceren veel gemakkelijker gemaakt. Vandaar de exponentiele toename in het gebruik. Uiteraard zijn er ook negatieve kanten, maar per saldo is sprake van een groot succes.

De bitcoin was bedoeld om geld te vervangen. Het gaat daarbij niet om het vervangen van papieren geld, dat was veel langer daarvoor al gedaan door giraal geld. In eerste instantie werd het eigendom van het giraal geld bijgehouden door banken met behulp van papieren registers. Deze werden later vervangen door computers. Zo bezien is de bitcoin niet nieuw; het is giraal geld dat wordt geregistreerd met blockchaintechnologie, registers op computers dus.

Giraal geld is bedoeld om te betalen en om saldi aan te houden voor het doen van toekomstige uitgaven. Niemand denkt dat zulk geld, afgezien van een kleine rentevergoeding, vanzelf en als maar meer waard wordt. Eén euro vandaag is één euro morgen, en niet opeens honderden euro’s.

Een leuk idee om de bitcoin voor betalingen te gebruiken, maar in de praktijk was dat wat onhandig en gebeurde het dus niet of nauwelijks. Cryptovaluta worden wel gebruikt om tegoeden aan te houden. Maar dan gaat iedereen denken dat die tegoeden vanzelf meer waard worden. Hoe dat feitelijk en objectief in zijn werk gaat kan niemand echter uitleggen. Anders dan uiteraard op basis van het next-fool-principe: je zoekt een andere gek die meer geld wil uitgeven aan iets dat intrinsiek niets waard is.

Tot slot

De overeenkomst tussen e-mail en bitcoin is dat beide gebaseerd zijn op elektronische technologie. Het grote verschil is dat een e-mail, afhankelijk van de inhoud, nog iets waard kan zijn. Een bitcoin heeft geen enkele intrinsieke waarde. In die zin lijkt een bitcoin op spam: je wilt het niet ontvangen, en als je het dan toch krijgt, wil je er zo snel mogelijk van af.

John Greijmans

mei 11th, 2018 · by John · Weblog NL

In 2016 heb ik een aantal kritische blogs over de Autoriteit Financiële Markten (AFM) geschreven. Zo hekelde ik het feit dat de AFM individuele medewerkers in een organisatie dwingt zich aan de geldende wet- en regelgeving te houden en het klantbelang centraal te stellen, maar weigert deze medewerkers te ondersteunen als dat tot een conflict met het management van die organisatie leidt.

Nu schrijf ik wederom over de AFM, maar dan in positieve zin. Wat las ik namelijk in een artikel in het NRC van 12 april 2018? De AFM stelt dat: “de tijd is rijp voor aanpak cryptomunten en digitale beursgangen”, en even verder “toezichthouder volhardt in kritiek op digitale ‘beursgangen’”.

In recente blogs heb ik duidelijk gemaakt dat ik niets van de bitcoin en andere cryptovaluta moet hebben. Zo schreef ik op 9 februari 2018: “je kunt rijk worden, maar je kunt ook alles verliezen, want er is niemand die garandeert dat de waarde van je bitcoin bewaard blijft. De waarde van de bitcoin is [..] wat de gek er voor geeft. En op 13 maart van dit jaar: “Er is dus een continue een groter wordende instroom van cryptovaluta. Zo ze al iets waard waren, worden deze “nep-valuta” steeds minder waard. Van zilver kun je nog een botervloot maken, maar aan cryptovaluta heb je niets. Geen veilige belegging dus.”

En nu pleit de AFM dat er snel Europese afspraken moeten komen over de regels rondom cryptovaluta en digitale  ‘beursgangen’. Deze oproep volgt op twee waarschuwingen. In juni 2017 wees de toezichthouder op de grote risico’s van beleggen in virtuele valuta, en in november van dat jaar waarschuwde zij over oplichting en manipulatie bij Initial Coin Offerings (ICO’s), een alternatief voor een traditionele beursgang. Bij een ICO geeft een bedrijf digitale ‘tokens’ uit (bewijzen van deelname), die dan kunnen worden gekocht en verhandeld door ‘investeerders’.

De waarde van de bitcoin steeg in 2017 van 900 dollar naar bijna 19.000 dollar en staat nu op minder dan 7.000 dollar. Er zijn dus mensen die aardig wat geld hebben verloren. In het echt als ze in december gekocht en later verkocht hebben, en virtueel als ze nog niet verkocht hebben, in de hoogstwaarschijnlijk ijdele hoop dat de prijs wel weer omhoog zou gaan.

Cryptomunten als bitcoin  waren oorspronkelijk bedoeld als betaalmiddel, maar daarvoor zijn ze in de praktijk te duur en te langzaam. Daarna zijn ze geëvolueerd naar een speculatieve belegging. “Investeerders lopen een zeer hoge kans op verlies van hun volledige inleg” zegt ook de AFM. ICO’s baren de toezichthouder al helemaal zorgen: de “anonimiteit leidt tot veel problemen. Crimineel gedrag, terrorismefinanciering [en] witwassen.

Wellicht enigszins megalomaan om me op gelijke voet te stellen met de AFM, maar als wij beiden het met elkaar eens zijn, dan moet het toch waar zijn: de bitcoin is niets waard.

John Greijmans

mei 3rd, 2018 · by John · Weblog NL

De Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) geldt vanaf 25 mei, en schrijft voor dat je duidelijk maakt welke persoonsgegevens je verwerkt, hoe je daarmee omgaat en welke maatregelen je neemt om die gegevens te beschermen. Persoonsgegevens zijn gegevens over natuurlijke personen, of gegevens die herleidbaar zijn naar natuurlijke personen

Concreet, moet je kunnen aantonen en dus vastleggen hoe je aan onderstaande eisen voldoet:

  • Gegevensbeperking: alleen noodzakelijke persoonsgegevens mogen worden verzameld
  • Transparantie: de persoon van wie gegevens worden verwerkt, is daarvan op de hoogte, heeft daarvoor toestemming gegeven en kent zijn rechten
  • Doelbeperking: persoonsgegevens mogen alleen voor een wettelijk toegestaan doel worden verwerkt en niet voor andere zaken worden gebruikt
  • Juistheid: persoonsgegevens moeten juist zijn en blijven
  • Bewaarbeperking: persoonsgegevens mogen niet langer worden bewaard dan nodig
  • Integriteit en vertrouwelijkheid: persoonsgegevens moeten worden beschermd tegen toegang door onbevoegden, verlies of vernietiging.

 

Wat hoef je wanneer niet te doen?

Middelgrote en kleine ondernemingen, met kleinschalige verwerking van gegevens, en niet werkzaam uit sectoren met gevoelige informatie (financiële dienstverlening, zorg, onderwijs, maatschappelijke hulp- en dienstverlening of charitatieve instellingen): 
o   Hoeven geen DPO (data protection officer) aan te stellen
o   Zijn vrijgesteld van het bijhouden van een logboek
o   Hoeven geen PIA (privacy impact assessment) uit te voeren

Je hoeft geen FG (functionaris voor gegevensbescherming) aan te stellen als je van minder dan 5.000 personen de gegevens bewaart, tenzij het gevoelige gegevens betreft, zoals medische gegevens, ras, seksuele voorkeur, politieke opvatting, geloofsovertuiging of strafrechtelijk verleden. Ook financiële gegevens, bankrekeningnummers en gegevens over kredietwaardigheid, of fraudegevoelige- of identiteitsgegevens (BSN-nummers) zijn gevoelig en kunnen, eventueel tezamen met andere persoonsgegevens, worden gekwalificeerd als ‘bijzonder’.
Als je een ‘eenpitter’ bent en wel bijzondere gevens bijhoudt, zoals individuele artsen of advocaten, zal je waarschijnlijk door de Autoriteit Persoons AP niet worden gezien als een grootschalige verwerker en geldt bovenstaande niet.

 

Wat moet je wel doen?

Je moet je datastromen vastleggen, verwerkingsovereenkomsten vaststellen, een privacy-statement maken en je medewerkers goed informeren. Daarnaast moet je voorbereid zijn als het dan toch onverhoopt misgaat. Wat dat allemaal inhoudt, verklaar ik hieronder.

 

1. Datastromen vastleggen

Iedere organisatie verwerkt gegevens van personen, al is het maar naam en e-mailadres. Het verwerken van deze gegevens is een datastroom, en de AVG schrijft voor dat je deze datastromen in kaart brengt:

  • Je moet weten welke persoonsgegevens je opslaat
  • Je moet weten bij welke externe partijen je gegevens onderbrengt
  • Je moet het gebruik van data kunnen verantwoorden

Alle procedres met betrekking tot het opslaan en gebruik van data, moeten worden vastgelegd. Daarmee kun je aantonen dat: je daadwerkelijk toestemming hebt verworven, data niet langer worden bewaard dan nodig en data niet op andere wijze wordt gebruikt als afgesproken

Datastromen leg je vast door een overzicht te maken van de verwerking van persoonsgegevens (data flowchart). Daar staat in:

  • wie of wat de bron is van de datastroom
  • hoe je deze data verkrijgt
  • wie toegang heeft tot de data
  • wat de beveiligingsmaatregelen zijn
  •  waar de data naartoe gaan

 

2. Verwerkingsovereenkomst vaststellen

Verwerkingsovereenkomsten zijn afspraken die je maakt met externe partijen die voor jou gegevens verwerken. Daarin leg je vast hoe zij met die gegevens moeten omgaan.

  • Waarom verwerken ze die gegevens, wat mogen ze ermee doen en welke middelen gebruiken ze daarvoor?
  •  Afspraken over de beveiliging van de gegevens. Leg vast dat zij er op een verantwoorde manier mee omgaan en ze niet gebruiken voor zaken waar jij geen opdracht voor gegeven hebt.

 

3. Privacy-statement maken

Je bent verplicht mensen van wie je gegevens opslaat (betrokkenen) te informeren. Je moet ze laten weten wat je met hun data doet, waarom je die hebt opgeslagen en waar ze naartoe kunnen als ze het hier niet mee eens zijn. Dit doe je in een privacy-statement. Dit bevat minimaal:

  • Identiteit van je organisatie
  • Contactgegevens
  • Het doel en de juridische basis van de verwerking
  • De bewaartermijn van de gegevens die je opslaat
  • De rechten van de betrokkenen
  • Het recht om toestemming voor de verwerking van gegevens in te trekken
  • Het recht om een klacht in te dienen bij de toezichthouder
  • Welke derde partijen voor jou gegevens verwerken

 

4. Medewerkers informeren

Datalekken worden bestraft als blijkt dat je onvoldoende voorzorgsmaatregelen hebt genomen. Informeer daarom je eigen medewerkers, want de meeste datalekken gebeuren door menselijk handelen. Kweek databewustzijn bij de mensen in je organisatie. Stel een plan op waarin je hen erop wijst voorzichtig om te gaan met persoonsgegevens. Deel de handleiding die vertelt wat te doen als het onverhoopt een keer misgaat.

 

5. Als het dan toch misgaat

Wat als het misgaat en klantgegevens op straat liggen? Er is sprake van een datalek als er bijvoorbeeld  een USB-stick is kwijtgeraakt, een laptop is gestolen of een inbraak door een hacker is geweest waar persoonsgegevens op stonden.

Een simpel ‘sorry’ voldoet in ieder geval niet. Je moet open communiceren met de persoon wiens gegevens zijn gelekt en de Autoriteit Persoonsgegevens (AP). Maak daarom een draaiboek voor de meldplicht datalekken en documenteer alle datalekken.

 

John Greijmans

 

april 16th, 2018 · by John · Weblog NL

Het lijkt een simpele vraag: waarom betalen we rente? Maar er worden al meer dan tweeduizend jaar forse discussies over gevoerd. Twee grote filosofen, Aristoteles en Aquinas, waren bijvoorbeeld faliekant tegen het heffen en betalen van rente. En toch doen we het bijna allemaal. Reden om maar eens in meer detail naar rente te kijken.  

Wat is rente?

Rente is de vergoeding die je ontvangt voor het uitlenen van geld en die betaald wordt door degene die het geld leent. Rente heeft twee kenmerken: (1) het is periodiek verschuldigd en (2) het wordt berekend als een jaarlijks percentage. Overigens kan het zijn dat de rente niet expliciet wordt genoemd bij het aangaan van een lening. Zo kun je overeenkomen om nu €100,- te lenen en over twee jaar €121,- terug te betalen. Impliciet betekent dit echter 10% rente per jaar.  

Aristoteles en Aquinas

Aristoteles (384-322 voor onze jaartelling) was een Grieks filosoof en een van de invloedrijkste filosofen in de westerse traditie. Hij veroordeelde het lenen van geld tegen rente als ‘onnatuurlijk’. Geld is ‘onvruchtbaar’ en kan zelf geen rijkdom vergroten. 

Aquinas (1225-1274) was een Italiaanse theoloog en een invloedrijke denker op wijsgerig gebied. Ook hij was tegenstander van rente. Volgens hem was het woeker, voortvloeiend uit hebzucht en leidend tot uitbuiting van de persoon die de lening nodig had. Het verkopen of kopen van iets voor meer of minder dan het waard was, was volgens hem een zonde. 

Zowel Aristoteles als Aquinas zagen de voordelen van geld en een geldeconomie. Geld vergemakkelijkt het ruilen en leidt daardoor tot een hogere productiviteit en economische groei. Maar rente was een ‘no go area’. Wat opvalt in hun argumentatie is dat deze sterk normatief gekleurd is. Aristoteles stelt dat het onnatuurlijk is omdat “geld geen kinderen kan krijgen”, en Aquinas stelt dat het “zondig” is om rente te rekenen.  

Waarom betalen en ontvangen we dan toch rente?

Met de normatieve redenering van Aristoteles en Aquinas kun je het, afhankelijk van je (religieuze) overtuiging eens of oneens zijn. Maar wat zijn de rationele argumenten voor rente? 

Stel ik wil van een van de lezers €100,- lenen en over een jaar terugbetalen. De lezer heeft dat geld, en hij heeft het niet zelf nodig. Waarom zou hij daarvoor dan rente moeten ontvangen? Het antwoord daarop is dat het lenen van geld kosten met zich meebrengt, en om die kosten te dekken is een vergoeding op zijn plaats.  

Wat zijn die kosten dan? In de eerste plaats is er het risico dat ik het geld over een jaar niet kan terugbetalen. Wellicht is de kans niet groot, maar als het gebeurt, is hij de €100,- kwijt. Daarnaast bestaat er het risico van inflatie: als de prijzen gemiddeld stijgen dan is  de koopkracht van het geleende geld na een jaar minder dan €100,-. Tot slot heeft de lezer het geld nu niet nodig, maar hij zou er wel wat mee kunnen doen. Hij ziet dus af van onmiddellijke consumptie. In de economie wordt dit met opportuniteitskosten aangeduid. Het is dus niet vreemd dat de lezer als vergoeding van het dragen van kosten rente vraagt.

En ik dan? Ik heb het geld nodig, en ik zal dus de kosten van de rente die ik moet betalen aan de lezer afwegen tegen de voordelen die het me biedt om het geld nu uit te geven en over een jaar terug te betalen. 

John Greijmans

« Older Entries