Archive for the ‘Weblog NL’ Category

juni 15th, 2018 · by John · Weblog NL

Ik had beloofd niet meer over de bitcoin te schrijven, en ga dat ook niet doen. Maar in mijn laatste blog over cryptovaluta was ik positief over de mogelijkheden die de onderliggende blockchain-technologie kan bieden. Daarop wil ik hier terugkomen, maar ik beloof het b-woord niet te gebruiken.

Blockchain is een populair onderwerp op sociale en traditionele media. Het voorkomt ruis, misverstanden en fraude, en zorgt over de hele administratieve keten voor transparantie. Onderzoeksbureau Gartner stelt dat “de blockchain is hoog in de hype en bevindt zich op het hoogtepunt van alle verwachtingen” en het “gaat de wereld op grote schaal veranderen”. Dat klinkt prachtig, maar is het ook waar?

Wat is blockchain?

Een blockchain is één gedistribueerde database die over meerdere computers (nodes) verspreid is opgeslagen en wordt bijgehouden. Het is een groeiende lijst van data-items, zoals geld, spaarpunten of contracten, die beschermd zijn tegen manipulatie en vervalsing. Zelfs de beheerder van de nodes kan deze gegevens niet vervalsen. Binnen dit gedistribueerde systeem vindt uitwisseling en verificatie van gegevens plaats tussen de vele nodes.

Nadelen van blockchain

Op papier en voor cryptovaluta functioneert de blokchaintechnologie ‘perfect’, maar in de praktijk zijn er nogal wat nadelen.

Het energieverbruik is extreem hoog, doordat elke transactie door een grote hoeveelheid computers moet worden gevalideerd. Vanwege het open-source karakter en de grote hoeveelheid data die voor altijd geregistreerd staan, groeit het block-chainnetwerk exponentieel. Het versturen van een ethereum, een alternatief voor het b-woord,  kost per transactie evenveel energie als anderhalf huishouden per dag. Dat is ongeveer vijfduizend keer duurder als een transactie met Visa. Een niet echt milieuvriendelijke oplossing dus.

Over vriendelijk gesproken. Voor technisch georiënteerden onder ons zal het allemaal wel te begrijpen zijn, maar voor de meeste mensen kenmerkt de blockchain-technologie zich niet door gebruiksvriendelijkheid. Met name de snelheid behoeft verbetering.

Voor de anarchisten onder de blockchainliefhebbers zal het een voordeel zijn, maar er is een groot probleem met de ontbrekende governance. Transacties kunnen worden afgesloten, maar er is geen toezichthouder die er voor kan zorgen dat ze ook worden afgedwongen. Dit wordt mede veroorzaakt omdat de identiteit van de betrokkenen niet is vast te stellen. In de meeste gevallen zijn de namen van betrokken partijen namelijk niet zichtbaar. Zou dat wel het geval zijn, dan is er een ander probleem: de ongewenste transparantie op transactieniveau. Alles is voor alle betrokkenen zichtbaar, en nog erger: het kan niet verwijderd worden. In het kader van de AVG is dat laatste wel een issue.

Niet doen dus, die blockchain?

Nee, dat gaat me te ver. Problemen zijn er om op te lossen en de ontwikkelingen gaan snel. Op allerlei gebieden worden experimenten uitgevoerd. Bij de gemeente Haarlem is een ‘proof of concept’ ontwikkeld voor het verifiëren van waardepapieren via een publiek blockchainnetwerk. De gebruikte technologie kan verifiëren dat informatie die wordt uitgewisseld correct is en niet kan worden gemanipuleerd.   

Als de echtheid van digitaal verstrekte documenten gewaarborgd is, hoeven mensen niet meer naar het gemeentehuis voor bijvoorbeeld een aanvraag voor een woning bij de woningbouwvereniging. Ook andere innovaties zijn mogelijk. De in Haarlem gebruikte  technologie neemt bovendien een aantal van de genoemde nadelen weg, zoals het energieverbruik  en de lage transactiesnelheid.

De blockchaintechnologie is (nog) geen wondermiddel, daarvoor zijn er te veel onopgeloste problemen. Anderzijds gaan de ontwikkelingen snel en biedt de technologie grote voordelen. Ik blijf het in ieder geval positief kritisch volgen. B-woord of geen b-woord.

John Greijmans

juni 7th, 2018 · by John · Weblog NL

Het is iets wat je probeert te vermijden, maar het komt toch regelmatig voor: een arbeidsconflict. Ook mij is het helaas een aantal keren overkomen. Een arbeidsconflict is vervelend voor alle betrokkenen en moet daarom snel worden opgelost. Daarbij hoort de werkgever, meestal in de persoon van de direct leidinggevende het voortouw te nemen. Dat is misschien lastig, maar het hoort bij goed werkgeverschap en is onderdeel van je functie als leidinggevende. Dertig jaar ervaring heeft mij, met vallen en opstaan, een aantal zaken geleerd. Deze wil ik graag met jullie delen.

Wacht niet tot de bom barst

Zie de feiten zo snel mogelijk onder ogen. Als je merkt dat er spanningen zijn tussen medewerkers, mag je wel even wachten voordat je ingrijpt, maar ga er nooit vanuit dat het in alle gevallen vanzelf zal verdwijnen. Een onopgelost conflict blijft namelijk sluimeren totdat de bom barst. Niet alleen de “kemphanen” hebben last van het conflict; het hele team heeft te kampen met de stress die het oplevert. Handel daarom snel voordat er twee kampen ontstaan binnen je organisatie.

Onderhandel en communiceer

Breng de partijen bij elkaar en geef ze de gelegenheid het verhaal vanuit hun kant toe te lichten. Zeg daarbij nadrukkelijk dat het conflict alleen kan worden opgelost door te communiceren en te onderhandelen. Het probleem midden op de werkvloer uitpraten heeft geen zin; neem de partijen apart en spreek achter gesloten deuren. Maak duidelijk dat het gesprek maar één doel heeft: een oplossing vinden voor het conflict. Luister en blijf objectief en zeg vooraf dat je geen van beide kanten kiest.

Breng het probleem in kaart

Stel vragen om achter de exacte reden van het conflict te komen. Benoem de belangrijkste problemen en vertel hoe ze van invloed zijn op de individuele prestaties, hoe ze de dienstverlening verstoren en daardoor de relaties met klanten beschadigen. Zorg dat iedereen het eens is met de aard van het probleem, voordat je op zoek gaat naar een oplossing.

Zoek naar een oplossing

Het kan zijn dat het probleem niet werk gerelateerd is, maar het gevolg van conflicterende persoonlijkheden. Maak dan duidelijk dat een werk gerelateerd conflict nog te aanvaarden is, maar dat ruzie op basis van persoonlijkheden onprofessioneel is en niet wordt getolereerd. Het kan zijn dat iemand het gevoel heeft -en uit- dat hij bij een oplossing als winnaar uit de bus komt. De kans is groot dat de andere partij dan ontevreden blijft, en er een nieuw conflict kan ontstaan. Richt je daarom op oplossingen waarmee beide partijen tevreden zijn. Vraag ze bijvoorbeeld mogelijke oplossingen aan te bieden en hoe ze zich persoonlijk daarvoor zullen inzetten.

Los het conflict op

Nadat mogelijke oplossingen zijn besproken, moet er worden besloten welke oplossing het beste is voor iedereen. Zet deze op papier en zorg dat beide partijen het met die oplossing eens zijn. Spreek momenten af waarop je gezamenlijk controleert of de uitkomst wordt nageleefd. Houd regelmatig in de gaten of het goed blijft gaan, en spreek je waardering uit als je ziet dat dit het geval is. En dan is het wachten op een volgend andersoortig conflict met andere partijen…

John Greijmans

juni 1st, 2018 · by John · Weblog NL

Wil je echt carrière maken, dan moet je minimaal één vaardigheid ontwikkelen. En dat is verkopen. Ben je in loondienst of heb je een eigen bedrijf, werk je rechtstreeks met klanten of zit je in een rol waarin je nooit met klanten omgaat, verkoopvaardigheden zijn altijd nuttig. Veel mensen denken bij  het woord ‘sales’ aan kwestieuze activiteiten als het onder druk zetten en manipuleren van potentiële klanten. Daarbij doemen stereotypen op als de verkoop van tweedehands auto’s of dure timeshare-appartementen. Maar verkopen is iets heel anders, en in ieder geval veel meer dan dat.

Een goede omschrijving van het begrip sales is: het geven van een duidelijke verklaring van het waarom en de voordelen van een actie of beslissing. Uit deze definitie blijkt dat je in elke baan moet kunnen verkopen. Iedereen moet namelijk wel eens, en waarschijnlijk vaker:

  • Collega’s overtuigen van een idee of initiatief
  • Managers of klanten bewijzen dat een project rendeert
  • Medewerkers de voordelen van een nieuw proces te doen begrijpen, teneinde de vereiste veranderingen te doen omarmen.

Luisteren en communiceren is van cruciaal belang op elk gebied, en door samen te werken met verkopers leer je meer over effectieve communicatie dan in welke andere rol dan ook. Welke vaardigheden doe je dan zo al op? 

Zelfdiscipline

Wanneer je in groot bedrijf, is het wellicht nog mogelijk om minder dan maximale inspanningen te leveren en toch salaris te krijgen. Als je loon deels of uitsluitend is gebaseerd op het verdienen van commissies, wordt moeite beloond en een gebrek aan inzet bestraft. Sales is een baan waar prestaties van haast absolute invloed zijn op resultaat en beloning.

Onderhandelen

Succes vereist onderhandeling met collega’s, bazen, andere afdelingen, klanten of leveranciers. Werken in sales helpt je daarom het vermogen te ontwikkelen om te luisteren, mogelijkheden te evalueren, belanghebbenden en hun drijfveren te identificeren, om te gaan met bezwaren en tegengestelde meningen, en de manier te vinden om overeenstemming te bereiken. Goede onderhandelaars werken op korte termijn en denken op de lange termijn.

Doorzettingsvermogen

Als verkoper hoor je het woord ‘nee’ bijna net zo vaak als het woord ‘hallo’. Je leert echter snel “nee” te zien als een volgende uitdaging en als feedback om je prestaties te verbeteren.

Mensenkennis

Vrienden kunnen we kiezen, klanten zelden. Als verkoper leer je om te gaan met diversiteit in de meest brede zin van het woord. Je komt te weten hoe aarzeling of verlegenheid te overwinnen en je ontwikkelt de vaardigheden om met vertrouwen om te gaan met onbekende of zelfs ongemakkelijke situaties.

Deals sluiten

Veel mensen vinden het moeilijk om te vragen wat ze willen. Het bereiken van een overeenkomst met anderen, en anderen zover krijgen dat ze zich aan die afspraken houden, is een ‘must have skill’ voor verkopers en zeer bruikbaar in welk ander beroep dan ook. 

Specifiek voor ondernemers zijn verkoopvaardigheden van levensbelang. Als zij niet over de noodzakelijke ‘sales skills’ beschikken, staan ze voor hele grote uitdagingen. Zeker bij het starten van je bedrijf, moet je financiering los kunnen krijgen bij banken, medewerkers motiveren, overeenkomsten uitonderhandelen en uiteraard klanten overtuigen.

Nog steeds bang om in sales te werken? Dat is dat een aansporing om eens echt in een verkooprol te werken, al is het maar voor korte tijd. Het kan zijn dat je denkt dat je de vaardigheden mist om dat goed te kunnen doen. Maar maak je dan geen zorgen: zelfs als je een moeilijke start maakt, krijg je snel meer zelfvertrouwen en doe je vaardigheden op die je voor altijd en overal kunt gebruiken.

John Greijmans

mei 22nd, 2018 · by John · Weblog NL

Ik had me voorgenomen geen artikelen meer over bitcoins te schrijven. Drie was mooi genoeg. Maar op mijn laatste blog kreeg ik een reactie van iemand die het niet met mij eens was. Dat juich ik toe, zeker omdat ik die niet zo vaak krijg, als het over bitcoins gaat. Daarom nog één keer: de bitcoin. De ontvangen reactie was kort: “Dit mag je dezelfde strijd noemen als de PTT Post tegen de e-mail. Blockchain is de toekomst.”. Maar ook een korte zin kan veel informatie bevatten.

Wat als eerste opvalt is het gebrek aan historische kennis. Dertig jaar geleden was er inderdaad een bedrijf dat PTT Post heette, tien jaar later heette het TPG Post, daarna TNT Post en nu alweer enkele jaren is de naam PostNL. Daarnaast is het natuurlijk niet “de PTT Post”, maar gewoon PTT Post. Wat echter van belang is, is dat deze organisatie, onder welke naam dan ook, nooit heeft gestreden tegen e-mails. Die vergelijking gaat dus mank. Maar er is wel iets te zeggen over de relatie tussen e-mail en bitcoin, zowel op het gebied van de gebruikte technologie en de eigenschappen van het product.

Technologie

E-mail is gebaseerd op internettechnologie. Die bestaat al zo’n veertig jaar en heeft zich bewezen door een veelheid van toepassingen. De bitcoin is gebaseerd op blockchaintechnologie, nog niet zo oud als het internet, maar wel veelbelovend. En die belofte voor de toekomst gaat vele malen verder dan cryptovaluta waar iedereen het mee associeert. Een half minuutje googelen levert je vele voorbeelden op van veel interessantere toepassingen.

Product

E-mail heeft niet alleen een groot deel van de communicatie op papier vervangen, het heeft schriftelijk communiceren veel gemakkelijker gemaakt. Vandaar de exponentiele toename in het gebruik. Uiteraard zijn er ook negatieve kanten, maar per saldo is sprake van een groot succes.

De bitcoin was bedoeld om geld te vervangen. Het gaat daarbij niet om het vervangen van papieren geld, dat was veel langer daarvoor al gedaan door giraal geld. In eerste instantie werd het eigendom van het giraal geld bijgehouden door banken met behulp van papieren registers. Deze werden later vervangen door computers. Zo bezien is de bitcoin niet nieuw; het is giraal geld dat wordt geregistreerd met blockchaintechnologie, registers op computers dus.

Giraal geld is bedoeld om te betalen en om saldi aan te houden voor het doen van toekomstige uitgaven. Niemand denkt dat zulk geld, afgezien van een kleine rentevergoeding, vanzelf en als maar meer waard wordt. Eén euro vandaag is één euro morgen, en niet opeens honderden euro’s.

Een leuk idee om de bitcoin voor betalingen te gebruiken, maar in de praktijk was dat wat onhandig en gebeurde het dus niet of nauwelijks. Cryptovaluta worden wel gebruikt om tegoeden aan te houden. Maar dan gaat iedereen denken dat die tegoeden vanzelf meer waard worden. Hoe dat feitelijk en objectief in zijn werk gaat kan niemand echter uitleggen. Anders dan uiteraard op basis van het next-fool-principe: je zoekt een andere gek die meer geld wil uitgeven aan iets dat intrinsiek niets waard is.

Tot slot

De overeenkomst tussen e-mail en bitcoin is dat beide gebaseerd zijn op elektronische technologie. Het grote verschil is dat een e-mail, afhankelijk van de inhoud, nog iets waard kan zijn. Een bitcoin heeft geen enkele intrinsieke waarde. In die zin lijkt een bitcoin op spam: je wilt het niet ontvangen, en als je het dan toch krijgt, wil je er zo snel mogelijk van af.

John Greijmans

mei 11th, 2018 · by John · Weblog NL

In 2016 heb ik een aantal kritische blogs over de Autoriteit Financiële Markten (AFM) geschreven. Zo hekelde ik het feit dat de AFM individuele medewerkers in een organisatie dwingt zich aan de geldende wet- en regelgeving te houden en het klantbelang centraal te stellen, maar weigert deze medewerkers te ondersteunen als dat tot een conflict met het management van die organisatie leidt.

Nu schrijf ik wederom over de AFM, maar dan in positieve zin. Wat las ik namelijk in een artikel in het NRC van 12 april 2018? De AFM stelt dat: “de tijd is rijp voor aanpak cryptomunten en digitale beursgangen”, en even verder “toezichthouder volhardt in kritiek op digitale ‘beursgangen’”.

In recente blogs heb ik duidelijk gemaakt dat ik niets van de bitcoin en andere cryptovaluta moet hebben. Zo schreef ik op 9 februari 2018: “je kunt rijk worden, maar je kunt ook alles verliezen, want er is niemand die garandeert dat de waarde van je bitcoin bewaard blijft. De waarde van de bitcoin is [..] wat de gek er voor geeft. En op 13 maart van dit jaar: “Er is dus een continue een groter wordende instroom van cryptovaluta. Zo ze al iets waard waren, worden deze “nep-valuta” steeds minder waard. Van zilver kun je nog een botervloot maken, maar aan cryptovaluta heb je niets. Geen veilige belegging dus.”

En nu pleit de AFM dat er snel Europese afspraken moeten komen over de regels rondom cryptovaluta en digitale  ‘beursgangen’. Deze oproep volgt op twee waarschuwingen. In juni 2017 wees de toezichthouder op de grote risico’s van beleggen in virtuele valuta, en in november van dat jaar waarschuwde zij over oplichting en manipulatie bij Initial Coin Offerings (ICO’s), een alternatief voor een traditionele beursgang. Bij een ICO geeft een bedrijf digitale ‘tokens’ uit (bewijzen van deelname), die dan kunnen worden gekocht en verhandeld door ‘investeerders’.

De waarde van de bitcoin steeg in 2017 van 900 dollar naar bijna 19.000 dollar en staat nu op minder dan 7.000 dollar. Er zijn dus mensen die aardig wat geld hebben verloren. In het echt als ze in december gekocht en later verkocht hebben, en virtueel als ze nog niet verkocht hebben, in de hoogstwaarschijnlijk ijdele hoop dat de prijs wel weer omhoog zou gaan.

Cryptomunten als bitcoin  waren oorspronkelijk bedoeld als betaalmiddel, maar daarvoor zijn ze in de praktijk te duur en te langzaam. Daarna zijn ze geëvolueerd naar een speculatieve belegging. “Investeerders lopen een zeer hoge kans op verlies van hun volledige inleg” zegt ook de AFM. ICO’s baren de toezichthouder al helemaal zorgen: de “anonimiteit leidt tot veel problemen. Crimineel gedrag, terrorismefinanciering [en] witwassen.

Wellicht enigszins megalomaan om me op gelijke voet te stellen met de AFM, maar als wij beiden het met elkaar eens zijn, dan moet het toch waar zijn: de bitcoin is niets waard.

John Greijmans

mei 3rd, 2018 · by John · Weblog NL

De Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) geldt vanaf 25 mei, en schrijft voor dat je duidelijk maakt welke persoonsgegevens je verwerkt, hoe je daarmee omgaat en welke maatregelen je neemt om die gegevens te beschermen. Persoonsgegevens zijn gegevens over natuurlijke personen, of gegevens die herleidbaar zijn naar natuurlijke personen

Concreet, moet je kunnen aantonen en dus vastleggen hoe je aan onderstaande eisen voldoet:

  • Gegevensbeperking: alleen noodzakelijke persoonsgegevens mogen worden verzameld
  • Transparantie: de persoon van wie gegevens worden verwerkt, is daarvan op de hoogte, heeft daarvoor toestemming gegeven en kent zijn rechten
  • Doelbeperking: persoonsgegevens mogen alleen voor een wettelijk toegestaan doel worden verwerkt en niet voor andere zaken worden gebruikt
  • Juistheid: persoonsgegevens moeten juist zijn en blijven
  • Bewaarbeperking: persoonsgegevens mogen niet langer worden bewaard dan nodig
  • Integriteit en vertrouwelijkheid: persoonsgegevens moeten worden beschermd tegen toegang door onbevoegden, verlies of vernietiging.

 

Wat hoef je wanneer niet te doen?

Middelgrote en kleine ondernemingen, met kleinschalige verwerking van gegevens, en niet werkzaam uit sectoren met gevoelige informatie (financiële dienstverlening, zorg, onderwijs, maatschappelijke hulp- en dienstverlening of charitatieve instellingen): 
o   Hoeven geen DPO (data protection officer) aan te stellen
o   Zijn vrijgesteld van het bijhouden van een logboek
o   Hoeven geen PIA (privacy impact assessment) uit te voeren

Je hoeft geen FG (functionaris voor gegevensbescherming) aan te stellen als je van minder dan 5.000 personen de gegevens bewaart, tenzij het gevoelige gegevens betreft, zoals medische gegevens, ras, seksuele voorkeur, politieke opvatting, geloofsovertuiging of strafrechtelijk verleden. Ook financiële gegevens, bankrekeningnummers en gegevens over kredietwaardigheid, of fraudegevoelige- of identiteitsgegevens (BSN-nummers) zijn gevoelig en kunnen, eventueel tezamen met andere persoonsgegevens, worden gekwalificeerd als ‘bijzonder’.
Als je een ‘eenpitter’ bent en wel bijzondere gevens bijhoudt, zoals individuele artsen of advocaten, zal je waarschijnlijk door de Autoriteit Persoons AP niet worden gezien als een grootschalige verwerker en geldt bovenstaande niet.

 

Wat moet je wel doen?

Je moet je datastromen vastleggen, verwerkingsovereenkomsten vaststellen, een privacy-statement maken en je medewerkers goed informeren. Daarnaast moet je voorbereid zijn als het dan toch onverhoopt misgaat. Wat dat allemaal inhoudt, verklaar ik hieronder.

 

1. Datastromen vastleggen

Iedere organisatie verwerkt gegevens van personen, al is het maar naam en e-mailadres. Het verwerken van deze gegevens is een datastroom, en de AVG schrijft voor dat je deze datastromen in kaart brengt:

  • Je moet weten welke persoonsgegevens je opslaat
  • Je moet weten bij welke externe partijen je gegevens onderbrengt
  • Je moet het gebruik van data kunnen verantwoorden

Alle procedres met betrekking tot het opslaan en gebruik van data, moeten worden vastgelegd. Daarmee kun je aantonen dat: je daadwerkelijk toestemming hebt verworven, data niet langer worden bewaard dan nodig en data niet op andere wijze wordt gebruikt als afgesproken

Datastromen leg je vast door een overzicht te maken van de verwerking van persoonsgegevens (data flowchart). Daar staat in:

  • wie of wat de bron is van de datastroom
  • hoe je deze data verkrijgt
  • wie toegang heeft tot de data
  • wat de beveiligingsmaatregelen zijn
  •  waar de data naartoe gaan

 

2. Verwerkingsovereenkomst vaststellen

Verwerkingsovereenkomsten zijn afspraken die je maakt met externe partijen die voor jou gegevens verwerken. Daarin leg je vast hoe zij met die gegevens moeten omgaan.

  • Waarom verwerken ze die gegevens, wat mogen ze ermee doen en welke middelen gebruiken ze daarvoor?
  •  Afspraken over de beveiliging van de gegevens. Leg vast dat zij er op een verantwoorde manier mee omgaan en ze niet gebruiken voor zaken waar jij geen opdracht voor gegeven hebt.

 

3. Privacy-statement maken

Je bent verplicht mensen van wie je gegevens opslaat (betrokkenen) te informeren. Je moet ze laten weten wat je met hun data doet, waarom je die hebt opgeslagen en waar ze naartoe kunnen als ze het hier niet mee eens zijn. Dit doe je in een privacy-statement. Dit bevat minimaal:

  • Identiteit van je organisatie
  • Contactgegevens
  • Het doel en de juridische basis van de verwerking
  • De bewaartermijn van de gegevens die je opslaat
  • De rechten van de betrokkenen
  • Het recht om toestemming voor de verwerking van gegevens in te trekken
  • Het recht om een klacht in te dienen bij de toezichthouder
  • Welke derde partijen voor jou gegevens verwerken

 

4. Medewerkers informeren

Datalekken worden bestraft als blijkt dat je onvoldoende voorzorgsmaatregelen hebt genomen. Informeer daarom je eigen medewerkers, want de meeste datalekken gebeuren door menselijk handelen. Kweek databewustzijn bij de mensen in je organisatie. Stel een plan op waarin je hen erop wijst voorzichtig om te gaan met persoonsgegevens. Deel de handleiding die vertelt wat te doen als het onverhoopt een keer misgaat.

 

5. Als het dan toch misgaat

Wat als het misgaat en klantgegevens op straat liggen? Er is sprake van een datalek als er bijvoorbeeld  een USB-stick is kwijtgeraakt, een laptop is gestolen of een inbraak door een hacker is geweest waar persoonsgegevens op stonden.

Een simpel ‘sorry’ voldoet in ieder geval niet. Je moet open communiceren met de persoon wiens gegevens zijn gelekt en de Autoriteit Persoonsgegevens (AP). Maak daarom een draaiboek voor de meldplicht datalekken en documenteer alle datalekken.

 

John Greijmans

 

april 16th, 2018 · by John · Weblog NL

Het lijkt een simpele vraag: waarom betalen we rente? Maar er worden al meer dan tweeduizend jaar forse discussies over gevoerd. Twee grote filosofen, Aristoteles en Aquinas, waren bijvoorbeeld faliekant tegen het heffen en betalen van rente. En toch doen we het bijna allemaal. Reden om maar eens in meer detail naar rente te kijken.  

Wat is rente?

Rente is de vergoeding die je ontvangt voor het uitlenen van geld en die betaald wordt door degene die het geld leent. Rente heeft twee kenmerken: (1) het is periodiek verschuldigd en (2) het wordt berekend als een jaarlijks percentage. Overigens kan het zijn dat de rente niet expliciet wordt genoemd bij het aangaan van een lening. Zo kun je overeenkomen om nu €100,- te lenen en over twee jaar €121,- terug te betalen. Impliciet betekent dit echter 10% rente per jaar.  

Aristoteles en Aquinas

Aristoteles (384-322 voor onze jaartelling) was een Grieks filosoof en een van de invloedrijkste filosofen in de westerse traditie. Hij veroordeelde het lenen van geld tegen rente als ‘onnatuurlijk’. Geld is ‘onvruchtbaar’ en kan zelf geen rijkdom vergroten. 

Aquinas (1225-1274) was een Italiaanse theoloog en een invloedrijke denker op wijsgerig gebied. Ook hij was tegenstander van rente. Volgens hem was het woeker, voortvloeiend uit hebzucht en leidend tot uitbuiting van de persoon die de lening nodig had. Het verkopen of kopen van iets voor meer of minder dan het waard was, was volgens hem een zonde. 

Zowel Aristoteles als Aquinas zagen de voordelen van geld en een geldeconomie. Geld vergemakkelijkt het ruilen en leidt daardoor tot een hogere productiviteit en economische groei. Maar rente was een ‘no go area’. Wat opvalt in hun argumentatie is dat deze sterk normatief gekleurd is. Aristoteles stelt dat het onnatuurlijk is omdat “geld geen kinderen kan krijgen”, en Aquinas stelt dat het “zondig” is om rente te rekenen.  

Waarom betalen en ontvangen we dan toch rente?

Met de normatieve redenering van Aristoteles en Aquinas kun je het, afhankelijk van je (religieuze) overtuiging eens of oneens zijn. Maar wat zijn de rationele argumenten voor rente? 

Stel ik wil van een van de lezers €100,- lenen en over een jaar terugbetalen. De lezer heeft dat geld, en hij heeft het niet zelf nodig. Waarom zou hij daarvoor dan rente moeten ontvangen? Het antwoord daarop is dat het lenen van geld kosten met zich meebrengt, en om die kosten te dekken is een vergoeding op zijn plaats.  

Wat zijn die kosten dan? In de eerste plaats is er het risico dat ik het geld over een jaar niet kan terugbetalen. Wellicht is de kans niet groot, maar als het gebeurt, is hij de €100,- kwijt. Daarnaast bestaat er het risico van inflatie: als de prijzen gemiddeld stijgen dan is  de koopkracht van het geleende geld na een jaar minder dan €100,-. Tot slot heeft de lezer het geld nu niet nodig, maar hij zou er wel wat mee kunnen doen. Hij ziet dus af van onmiddellijke consumptie. In de economie wordt dit met opportuniteitskosten aangeduid. Het is dus niet vreemd dat de lezer als vergoeding van het dragen van kosten rente vraagt.

En ik dan? Ik heb het geld nodig, en ik zal dus de kosten van de rente die ik moet betalen aan de lezer afwegen tegen de voordelen die het me biedt om het geld nu uit te geven en over een jaar terug te betalen. 

John Greijmans

april 8th, 2018 · by John · Weblog NL

Meer en meer omvat moderne informatietechnologie ons leven. Neem e-mail. Vanaf het moment dat je wakker wordt, lijkt het wel of je inbox je toeroept om te kijken welke nieuwe berichten nu weer binnen zijn gekomen. En jij, net als de meeste anderen ons, geeft toe en opent het eerste e-mail, en daarna volgen nog vele anderen. Ons brein haat onzekerheid. Daarom willen we graag weten wat er is gebeurd en zijn we bang iets te missen. Maar na 30 of 40 e-mails te hebben verwerkt raakt je geest uitgeput en hou je nauwelijks tijd over om andere, meer zinvolle dingen te doen.

Ons vermogen om beslissingen te nemen is ontstaan in een tijd waarin mensen veel minder over veel minder complexe zaken moesten nadenken. Dat vermogen is niet in gelijke mate mee-geëvolueerd met de ontwikkelingen op het gebied van informatietechnologie en sociale media. We kunnen dus niet alles bijhouden en we zouden het daarom ook niet moeten proberen. Maar hoe managen we de continue stroom van e-mailberichten dan? 

Krijg je e-mail onder controle

Ga op een geheel andere manier met e-mail om. Begin bijvoorbeeld je dag niet meer met e-mail, en stel je e-mail-app zo in dat er niet automatisch e-mail wordt gedownload. Schakel in ieder geval de “you’ve got mail”-melding uit. Bepaal zelf het tijdstip waarop je je e-mails gaat verwerken. Dat is bij voorkeur later op de dag als je al hersenkracht voor andere belangrijkere zaken hebt gebruikt. 

Zorg dat je collega’s en vrienden weten hoe jij je e-mail wilt gebruiken. E-mails moeten kort en bondig zijn en alleen worden gebruikt als een persoonlijk of telefonisch gesprek geen optie is. Hoe eenvoudiger communicatie is, hoe waarschijnlijker het is dat de berichten het gewenste effect hebben op de geadresseerden. 

Het kan zijn dat je tegen het equivalent van een faillissement aanloopt: je bent volledig ondergesneeuwd door e-mail en hebt geen tijd om alles op te ruimen. Harde maatregelen zijn dan noodzakelijk: veeg je inbox schoon, gooi alles weg en begin met een schone lei. Het is drastisch, maar het werkt. Natuurlijk gooi je dan ook belangrijke documenten weg, maar er zijn genoeg vriendelijke mensen die je een reminder sturen als je niet reageert, dus dat komt wel goed. 

Geef je prioriteiten prioriteit

Begin met het stellen van duidelijke doelen. We hebben allemaal de neiging dat te doen – we willen immers allemaal iets bereiken –, maar we vergeten die doelen ook weer snel. Door doelstellingen op te schrijven verhoog je de kans dat ze worden bereikt. Prioritering is een van de meest energieverslindende processen in de hersenen. Dat betekent dat het beste kunt doen als je geest fris en uitgerust is. Reserveer daarom tijd om je gedachten te ordenen.  

De Eisenhower-matrix is een veelgebruikt model binnen timemanagement. De matrix bestaat uit vier kwadranten: belangrijk / urgent, belangrijk / niet urgent, niet belangrijk / urgent en niet belangrijk / niet urgent. Door te bepalen binnen welk kwadrant een e-mail of taak valt wordt tegelijkertijd de prioriteit gesteld, en kun je beslissen taken over te dragen of te delegeren dan wel het onmiddellijk te doen of in een planning op te nemen.  

E-mail, en overigens ook alle vergelijkbare berichtenverspreiders als whatsapp, is een groot en belangrijk goed. Maar zorg dat het je niet overvleugelt. Jij bent immers de baas en je bepaalt je eigen doelstellingen, en het ligt niet voor de hand om “e-mail lezen” als belangrijkste doel in je leven te benoemen. 

John Greijmans

maart 13th, 2018 · by John · Weblog NL

In mijn vorige blog over bitcoins schreef ik dat in het verleden edelmetalen als geld werden gebruikt, net zo als sommigen onder ons nu denken dat de bitcoin als geld gebruikt kan worden. Deze week wil ik een andere overeenkomst tussen zilver en bitcoins behandelen, en ook daarvoor moet ik terug in de geschiedenis.

Piet Hein en de Zilvervloot

Vanaf de vijftiende eeuw veroverden Spaanse conquistadores een groot deel van Zuid-Amerika. Officieel om het christendom te verspreiden, maar in werkelijkheid ging het de Spanjaarden vooral om de grote hoeveelheden zilver en andere kostbaarheden die er te roven waren. Dat zilver werd in grote hoeveelheden naar Spanje vervoerd. En passant zorgde onze nationale zeeheld Piet Hein er ook voor dat een deel naar de Republiek der Verenigde Nederlanden werd getransporteerd: de beroemde Zilvervloot. Spaanse matten zijn namelijk niet om op te slapen, maar zijn zilveren munten.

Wat gebeurde er met dat zilver?

De toestroom van zilver zorgde echter voor inflatie. Een voorbeeld om dat duidelijk te maken. Stel je hebt een economie met één aanbieder van koek die twintig euro kost en twee vragers met elk een inkomen van tien euro. Deze willen en kunnen dus elk een halve koek kopen. Dan worden de inkomsten verhoogt tot twintig euro. Beide vragers willen nu een hele koek kopen. Dat is echter niet mogelijk, want er is maar één koek.  De aanbieder is slim en verhoogt dan de prijs naar veertig euro. Ondanks een honderd procent verhoging van de inkomsten kunnen de vragers elk nog steeds maar een halve koek kopen.

Ook in het Spanje van de zestiende eeuw werd de vraag veel groter dan het aanbod en stegen de prijzen. Hierdoor kon de Spaanse economie niet meer concurreren met andere landen, en gebruikten zij het geroofde zilver om goedkopere producten in het buitenland te kopen. Een geweldloze manier om zilver naar onder andere Nederland te krijgen, daar kon Piet Hein nog wat van leren.

En wat heeft dat nu met de bitcoin te maken?

In mijn vorige blog was ik terecht negatief over de bitcoin, maar een positief punt is dat deze cryptovaluta een ingebouwde beveiliging tegen inflatie heeft. Om bitcoins te maken, moet een computer namelijk heel complexe langdurige calculaties maken. Dit beperkt dus een snelle instroom van nieuwe bitcoins. Een nadeel daarvan is wel dat het rekenen gigantisch veel energie kost, als gevolg waarvan hele bossen verdwijnen. Een ander nadeel is dat de ingebouwde beveiliging kan worden omzeild.

Afgelopen maand probeerde iemand de supercomputer van een Russische kerncentrale te hacken. Dat is niet gelukt, maar het is wachten op de keer of keren dat dat wel lukt. In hetzelfde artikel werd vermeld dat een Russische miljonair twee kerncentrales met supercomputers had gekocht om bitcoins te kunnen maken. Daarnaast, praat ik telkens over de bitcoin, maar er zijn nog vele andere cryptovaluta: ethereum, ripple, litecoin en nog honderden andere. We worden dus letterlijk overspoeld door deze valuta. De zilvervloot is er niets bij.

Er is dus een continue een groter wordende instroom van cryptovaluta. Zo ze al iets waard waren, worden deze “nep-valuta” steeds minder waard. Van zilver kun je nog een botervloot maken, maar aan cryptovaluta heb je niets. Geen veilige belegging dus.

John Greijmans

februari 26th, 2018 · by John · Weblog NL

Nee, deze blog gaat niet over hoe de afdeling Finance er in de toekomst uit zou kunnen zien. Hier wil ik laten zien hoe Finance met die toekomst zou moeten omgaan. Historisch zijn financiële afdelingen vooral gericht op het achteraf verantwoording afleggen van hetgeen in het verleden is gebeurd. Dit is echter een heel erg beperkte, en gelukkig verouderde taakopvatting.

Vergelijk het met het besturen van een auto, dan kijk je ook niet alleen in de achteruitkijkspiegel. Sterker nog een groot deel van je tijd besteed je aan het vooruitkijken naar wat verder op de weg gebeurt. Zo zou Finance het ook moeten doen: vooruitkijken! Of met andere woorden proberen te voorspellen wat de toekomst gaat brengen. Als je namelijk weet wat er gaat gebeuren kun je op tijd maatregelen treffen om nadelige gevolgen daarvan op te vangen.

‘Voorspellen is moeilijk, vooral als het over de toekomst gaat’, aldus de historicus A.J.P. Taylor. Dit neemt echter niet weg dat ‘waarzeggen’ belangrijk is en gedaan moet worden. Twee belangrijk hulpmiddelen daarbij zijn: het gebruik van niet-financiële gegevens en het bouwen en doorrekenen van financiële modellen.

Niet-financiële gegevens

Financiële gegevens die betrekking hebben op het verleden zijn voor mensen relatief eenvoudig te begrijpen. Omzet is bijvoorbeeld het geld wat een onderneming binnen heeft gekregen, of in ieder geval binnen gaat krijgen. Omzet in de toekomst is echter lastig te bevatten. Een voorspelling is juist daarom moeilijk omdat er zoveel factoren een rol spelen bij het tot stand komen van de omzet.

Als het financiële gegevens zijn lijkt voorspellen nog wel te doen. De prijs bepaalt het bedrijf toch zelf? Als de onderneming een monopolist ja! Maar helaas zijn er maar weinig bedrijven de enige aanbieder op de markt, en dan is ook de prijs van een groot aantal factoren afhankelijk. Veel van die factoren, en uiteindelijk alle, hebben een niet-financieel karakter. Het is dus zaak inzicht te krijgen in de relatie tussen financiële en niet-financiële gegevens.

De omzet wordt bijvoorbeeld bepaald door prijs en hoeveelheid. De prijs is financieel maar wordt beïnvloed door de situatie en ontwikkelingen op de markt. Te denken valt daarbij aan gedrag en omvang van de concurrentie, maar ook aan richtlijnen van de overheid, zoals het btw-percentage. Bepalende factoren bij het voorspellen van de hoeveelheid of afzet, zijn dan bijvoorbeeld het aantal klanten, demografische ontwikkelingen en macro-economische groei. Met een middag brainstormen kom je een heel eind bij het vinden van de relevante factoren.

Financieel model

Een financieel model legt een kwantitatieve relatie tussen financiële en niet-financiële gegevens, waardoor het mogelijk wordt die financiële gegevens te berekenen. Hoe eenvoudig dit nu moge klinken, het was voor velen een verassing te zien, dat financiële cijfers niet meer uit de boekhouding kwamen, maar uit een financieel model. En dan hadden ze ook nog betrekking op de toekomst.

Nu is het bouwen van een model niet gemakkelijk. Maar als je het eenmaal hebt, dan hoef je alleen maar de waarde van een aantal niet-financiële indicatoren in te geven en je weet wat omzet, winst en het rendement worden. Dat maakt voorspellen een stuk gemakkelijker. Daarnaast kan het model ook worden gebruikt om alternatieve scenario’s door te rekenen (stel de Brexit gaat niet door?) of sensitiviteitsanalyses uit te voeren (wat is de invloed op de winst, bij een één en twee procentpunt hogere economische groei?). Zo kan op elk gewenst moment naar de toekomst worden gekeken en op tijd worden bijgestuurd om de prestaties in die toekomst te verbeteren.

John Greijmans

« Older Entries