Posts Tagged ‘Personal Finance’

juli 7th, 2016 · by John · Weblog NL

In blog #6 in mijn cyclus over de klant centraal stellen, heb ik gezegd dat innovatie in het klantbelang is. Het creëert immers een voortdurende opwaartse druk op de kwaliteit en een neerwaartse druk op de prijs. Daar sta ik nog steeds achter. Toch wil ik mijn uitspraken enigszins nuanceren. Dit aan de hand van een werkelijk ingezette ontwikkeling.

Innovatie in de wereld van verzekeringen…

Verzekeraars baseren hun producten op klantgegevens. Met die gegevens schatten zij risico’s in en bepalen zo de premiehoogte. Maar de hoeveelheid gegevens neemt snel toe, en de technieken om die te analyseren worden steeds beter. Dat leidt tot nieuwe, scherpere inzichten in het gedrag van klanten en daarmee tot de opkomst van nieuwe producten.

…kan leiden tot lagere premies en betere dienstverlening,…

Een heer in het verkeer of een degelijk en defensief rijdende dame, kan een nieuw soort autoverzekering afsluiten. Het idee is simpel. Een apparaatje in de auto registreert hoe snel iemand rijdt, hoe hard zij remt en optrekt en hoe ze bochten neemt. Die gegevens gaan naar de verzekeraar en die bepaalt hoeveel korting die persoon krijgt. Veilige rijders betalen wel tot 30% korting minder premie.

Maar innovatie in verzekeringsland kan ook de dienstverlening verbeteren. Voorbeelden zijn een snellere schade-afhandeling (het apparaat in de auto heeft al doorgegeven dat de klant een aanrijding heeft gehad) en preventie (een waarschuwing als een gevaarlijke verkeerssituatie nadert).

…maar heeft nadelige consequenties voor privacy en solidariteit.

Deze ontwikkelingen zijn toch allemaal in het klantbelang? Ja en nee! Dat klanten die bereid zijn zich te laten monitoren minder betalen, is een voordeel voor hen die meedoen, maar een nadeel voor degenen die weigeren: zij betalen een hogere premie. Je kunt je afvragen of je zo niet een sociale klasse dwingt richting dit type verzekering. Mensen die een hogere premie niet kunnen betalen hebben geen keus. Je krijgt dan een soort selectie op basis van inkomen.

Bij een autoverzekering met apparaat geef je een deel van je privacy weg. De verzekeraar krijgt veel meer informatie over jou dan nu het geval is. En die gegevens zijn veel meer privacygevoelig. Hoe gaan verzekeraars daarmee om.

Het idee achter verzekeren is solidariteit. Mensen delen risico’s, omdat niemand weet of hij ernstig ziek zal worden of niet. Maar als het gebeurt, kan hij de kosten niet in zijn eentje dragen. Als iedereen zich tegen dit soort narigheden verzekert, is er altijd voldoende geld en staan mensen nooit alleen.

Maar als verzekeraars meer onderscheid maken tussen klanten, en er grotere verschillen ontstaan tussen premies, is dat dan nog eerlijk? Wat als klanten er zelf niets aan kunnen doen, omdat het genetisch is bepaald? En bestaat er geen risico dat groepen mensen onverzekerd raken, omdat ze de hogere premies niet kunnen betalen?

Kunnen de armste bewoners zich straks nog wel verzekeren? Hoe meer je onderscheid maakt, hoe meer de onderlinge solidariteit ondermijnd wordt. Dat kan ook de sociale mobiliteit van deze kwetsbare groepen belemmeren. Als er bij hen wordt ingebroken, krijgen ze geen schadevergoeding. Zo versterkt armoede en ongelijkheid zichzelf.

Innovatie is goed, maar de risico’s moeten beheerst worden

De conclusie kan echter niet zijn om dan maar met innovatie te stoppen. Los van het feit dat je dat soort ontwikkelingen niet kunt tegenhouden, heeft innovatie daarvoor te veel en grote voordelen. De nadelen en risico’s moeten echter wel worden beheerst.

Transparantie is daarbij cruciaal. Klanten moeten weten wat voor data verzekeraars over hen verzamelen en wat voor beslissingen ze op basis daarvan nemen. Ze kunnen daar dan invloed op uitoefenen en hun keuzes erop kunnen baseren. Gelukkig kunnen zij daarbij altijd een beroep doen op de wet (wet bescherming persoonsgegevens) en de toezichthouder (Autoriteit Persoonsgegevens).

John Greijmans

juni 8th, 2016 · by John · Weblog NL

Als je de klant en het klantbelang centraal stelt, dan moet je de klant ook de middelen geven om te beoordelen of zijn financiële dienstverleners wel in zijn belang werken. Dat is niet gemakkelijk, want het betreft vaak taaie en soms ook saaie kost. In deze blog wil kort ingaan op de visie van ‘Samen Independent’ hierop.

 

Ontwikkelingen die de noodzaak van Financiële Zelfredzaamheid doe toenemen

De gemiddelde Nederlander is slechts beperkt bewust van zijn actuele financiële situatie en de noodzaak en mogelijkheden hierover de regie te nemen. Dit wordt nog bemoeilijkt door het feit dat het krijgen van een overzicht over de actuele financiële situatie lastig is omdat deze is verspreid over verschillende bronnen.

Minder dan tien procent van de Nederlanders heeft een vaste adviseur bij een bank. Deze private banker is, of zou volledig op de hoogte moeten zijn van de persoonlijke situatie van zijn klanten. Het overgrote deel van de Nederlanders heeft dus geen private banker en moet zijn informatie van het internet halen of van het callcenter van een bank zien te krijgen. Deze onpersoonlijke kanalen zijn vaak niet geschikt voor het geven van een goed advies, omdat de privé-situatie van de klant niet in kaart is gebracht.

‘Samen Independent’ wil het belang en de zelfstandigheid van de klant centraal stellen, door het hem mogelijk te maken de regie te voeren over zijn eigen financiële levensloop. Daartoe is een eenvoudige methode ontwikkeld en wordt continu aan een ondersteunende organisatie gebouwd.

 

‘Samen Independent’ – De Methode

De financiële omgeving van een klant is in veel gevallen in hoge mate complex. Met onder andere de volgende aspecten moet immers rekening worden gehouden: risico management (schadeverzekeringen), belastingen, financieringen, huwelijksvermogens- en erfrecht, levensverzekeringen en pensioenen, sociale zekerheid, en sparen en beleggen.

Voor elk onderdeel zijn er specialisten die goed advies kunnen geven. Echter geen van deze specialisten heeft een totaaloverzicht. En de vraag is verder, of je wel van elke specialist een advies nodig hebt. Een financieel planner is getraind om het totaaloverzicht te krijgen, maar zijn advies is niet goedkoop. Vanuit de gedacht tot zelfredzaamheid en zelf regie voeren is daarom een workshop ontwikkeld. De kosten van deze workshop zijn beperkt, ongeveer evenveel als je een financieel planner per uur betaalt.

De workshop gaat in op alle zaken die van invloed kunnen zijn op iemands persoonlijke, financiële huishouding. Daarmee krijg hij zelf het gereedschap in handen, om in gesprekken met adviseurs, zoals notaris, verzekeringsagent en boekhouder, de juiste vragen stellen en de noodzakelijke informatie te krijgen. Tijdens de workshop maken de deelnemers in twee stappen een risicoanalyse en een actielijst om de geïnventariseerde risico’s aan te pakken.

1. In de inventarisatiefase komen onder andere de volgende vragen aan de orde

  • Wat is de invloed van je persoonlijke omstandigheden (alleenstaand, samenwonend of getrouwd) op je financiële situatie en mogelijkheden.
  • Hoe ben je nu verzekerd? Heb je de juiste zaken verzekerd?
  • Wat is de invloed van vaste en variabele inkomensbestanddelen op je uitgaven. Hoe zit het met je hypotheek?
  • Is je oudedagsvoorziening goed geregeld? Moet je je zorgen maken over een pensioenbreuk of zijn er andere oplossingen? Is je opgebouwde pensioen wel veilig?
  • Wat gebeurt er met je bedrijf als je komt te overlijden? Hoe is de situatie voor de nabestaanden (partner en kinderen)? En welke invloed heeft een testament hierop?

2. In de analysefase bepaal je, op basis van de inventarisatie welke risico’s je loopt.

Kernvraag hier is of je deze risico’s kan en wil dragen? Met andere woorden zijn de geïnventariseerde risico’s aanvaardbaar? Voor risico’s die je niet wilt lopen, moet een oplossing worden gevonden. Daarvoor maak je een actielijst met de punten die met je notaris, verzekeringsagent of andere adviseur gaat bespreken.

 

‘Samen Independent – De Organisatie

De missie van “Samen Independent” is klanten toegang te geven tot transparante, onafhankelijke en persoonlijke (financiële) dienstverlening wanneer ze het nodig hebben, waar ze het willen en op de wijze die ze wensen. ‘Samen Independent’ is een platform, waar deelnemers gezamenlijk kunnen overleggen en communiceren (name, blame & shame) en elkaar daarmee in staat stellen om transparant en persoonlijk advies van onafhankelijke adviseurs te ontvangen over de diensten die zij nodig hebben.

‘Samen Independent’ is een not-for-profit-organisatie maar werkt samen met commerciële bedrijven die het professionele advies kunnen leveren. Deze bedrijven moeten aan drie fundamentele eisen voldoen:

  • TRANSPARANT – Iedereen heeft recht op een redelijk inkomen, maar dat mag nooit ten koste gaan van andere mensen. De kosten voor het advies moeten dus in lijn, en nooit hoger zijn dan de door het advies geleverde waarde voor de klant.
  • ONAFHANKELIJK – De adviseurs hebben geen zakelijk of persoonlijk belang bij het adviseren om een bepaald product of dienst te kopen of te verkopen.
  • PERSOONLIJK – Dienstverlening is altijd persoonlijk; een persoon levert een dienst aan een ander mens. Wanneer we praten over persoonlijk bedoelen wij service op maat wanneer, waar en hoe de klant het wil.

Een concreet voorbeeld van een commercieel bedrijf dat samenwerkt met . ‘Samen Independent’ is Independent Insurances. Dit bedrijf lijkt op de traditionele assurantieadviseur, maar is wel transparant, onafhankelijk en persoonlijk.

  • De dienstverlening is transparant omdat de prijs die de verzekeraar ontvangt ook de prijs is die de klant betaalt. Er is dus geen sprake van provisie of andere verborgen kosten. Dit kan een klant al snel honderden euros per jaar besparen.
  • De dienstverlening is onafhankelijk omdat de klant de adviseur betaalt. De adviseur heeft er geen belang bij een verzekering te “verkopen”, hij gaat daardoor niet meer verdienen. Per saldo is dit vele malen goedkoper voor de klant.
  • De dienstverlening is persoonlijk doordat bij elk advies, ook online, het belang van de klant wordt meegenomen. In meer technische bewoordingen: execution only bestaat niet, in alle gevallen neemt Independent Insurances de zorgplicht op zich.

Independent Insurances adviseert niet alleen over schadeverzekeringen, maar ook over levensverzekeringen en hypotheken. In de toekomst zal . ‘Samen Independent’” de samenwerking uitbreiden naar andere partijen in de omgeving van de financiële dienstverlening. Zo wordt bijvoorbeeld gesproken met vermogensbeheerders, advocaten en notarissen. In alle gevallen geldt daarbij dat de dienstverlening transparant, onafhankelijk en persoonlijk moet zijn.

 

John Greijmans

april 18th, 2016 · by John · Weblog NL

“Werk verandert: van klantgericht naar klant beslist” is de titel van een artikel in NRC Handelsblad van ruim een maand geleden. Dit artikel trok mijn aandacht omdat ook in de financiële dienstverlening, onder druk van de voortschrijdende technologie en het oprukkend internet, het werk in de komende jaren drastisch gaat veranderen. Ik begin eerst met een aantal voorbeelden uit het artikel en tot slot enkele leerpunten voor de financiële dienstverlening. 

De Chirurg oefent met 3D

Met 3D-printen kan ik vóór de operatie een model maken van de bloedvaten of schedel van een patiënt. Op dat model kan ik bijvoorbeeld oefenen welke zaagsnede het meest geschikt is. Virtual reality en chirurgie door robots nemen een vlucht. Operaties worden minder invasief: er zijn steeds minder ingrijpende operaties nodig. Verder gaat de zorg richting preventie: je kunt straks op basis van je DNA-profiel zien op welke ziektes je meer kans maakt, en wat voor jou specifiek de beste behandeling is.  

De Makelaar concurreert met Google

Over tien jaar zijn bedrijven als Google onze belangrijkste concurrent. Zij zetten in op smart cities, waar gebouwen staan met allerlei met het internet verbonden sensoren en toepassingen. Met sensoren in led-verlichting kan je bijvoorbeeld meten hoe druk bezet een kantoorpand is. Met behulp van gezichtsherkenning in liften, word je automatisch naar de goede verdieping gebracht. Ook bouwen we ramen die energie opwekken uit zonlicht.  

De Visser laat klanten meekijken

De consument wil duurzame vis en wil weten waar de vis vandaan komt en hoe die gevangen is. Klanten kunnen live via internet meekijken met onze schepen. Daarbij verkopen wij direct aan de klanten, via online-kanalen. Door nieuwe technieken zien we precies welke vis waar zwemt en hoe we die het beste kunnen vangen. Stripmachines ontdoen de vis vervolgens van zijn ingewanden.  

De advocaat blogt maar blijft persoonlijk

Advocaten moeten zich tegenwoordig profileren via blogs en sociale media. De manier van communiceren met cliënten is veranderd: van één op één naar digitaal via e-mail of zelfs WhatsApp. Kunstmatige intelligentie en computers nemen veel standaard-invulwerk over. Overigens zie ik wel dat de rol van advocaat als persoonlijk adviseur groter zal worden; die is niet te vervangen door een robot. 

De boekhandelaar is een gastheer

Onze klanten komen niet meer voor boeken: die kun je ook online bestellen. Ze komen voor de beleving, dat wil zeggen een heel goede service en persoonlijk contact. Veel mensen denken dat je, om in een boekhandel te werken, van boeken moet houden, maar ik denk dat je vooral van mensen moet houden.  

De taxichauffeur hoeft niet meer zelf te rijden

Er is al veel gedigitaliseerd in ons vak, bijvoorbeeld de digitale rittenadministratie. In navolging van Uber gaan taxicentrales eigen apps aanbieden voor het bestellen van taxi’s. Ik ben niet optimistisch over het vak van taxichauffeur; rond 2026 zijn er geen taxichauffeurs meer nodig. Kijk maar hoe snel het gaat met zelfrijdende auto’s.   

En de financiële dienstverlening dan?

Tsja, de financiële dienstverlening die blijft achter. Kijken we naar de chirurg, de makelaar en de visser dan zien we dat technologie heel belangrijk is. In de verzekeringswereld werken we nog met software van vijftig jaar geleden die alleen onleesbare hoofdletters kan printen. De pdf is de grootste innovatie in deze branche! Alleen jammer dat je die eerst moet printen, dan met de hand invullen, scannen en terug sturen naar de verzekeraar, waar alles weer met de hand wordt ingevoerd. 

Naast technologie noemen de advocaat en de boekhandel persoonlijk advies en beleving een goed middel om het contact met de klant te houden. In de verzekerings- en bancaire wereld wordt de klant nog steeds als melkkoe gezien. Iets waar je zo veel mogelijk provisie op moet verdienen of aan wat je idioot hoge tarieven moet rekenen. En als het dan niet om geld gaat wordt de klant wel slachtoffer van het rücksichtslos toepassen van verkeerd geïnterpreteerde regeltjes. Klantbelang centraal stellen wordt alleen met de mond beleden. 

Gelukkig hoeft de financiële dienstverlener alleen maar om zich heen te kijken, om te zien dat het ook anders kan. Anders, maar ook beter. Beter voor de klant, maar ook voor de financiële dienstverlener.   

John Greijmans

maart 4th, 2016 · by John · Weblog NL

Ik ben van huis uit econoom, maar mijn carrière heeft zich grotendeels buiten de financiële dienstverlening afgespeeld. Sterker nog, ruim een jaar geleden zou ik er nog niet eens aan gedacht hebben om in de bank- of verzekeringswereld te gaan werken. Voorspellen is echter nooit mijn sterkste punt geweest en zo ben ik een jaar geleden in de vreemde wereld van  verzekeringen beland. 

Waarom telkens klantbelang roepen?

En vreemd is die wereld inderdaad! Eén van de zaken die me opviel was dat iedereen maar bleef roepen dat het klantbelang centraal moest staan. Wat anders? , dacht ik. Ik heb altijd bij commerciële bedrijven gewerkt en uiteraard stond daar het klantbelang centraal. Maar het was niet nodig dat telkens te roepen.  

Iedereen wist in die bedrijven, dat als je de klant niet centraal stelde, deze je producten niet, of in ieder geval minder ging kopen. En dan krijg je dus geen geld. En als je geen geld hebt kun je je leveranciers niet betalen en kun je ook geen goede mensen aannemen. Daardoor kun je geen goede producten of diensten leveren en zal de klant nog minder kopen. Jij krijgt daardoor nog minder geld en komt daardoor in een vicieuze cirkel terecht. Als aandeelhouder sta je achter in de rij en kun je dus helemaal naar je geld fluiten. Vandaar dat een slimme aandeelhouder, al was maar uit eigenbelang, het klantbelang centraal stelt.  

Ik ga hier niet bekende voorbeelden als die van de woekerpolis herhalen. Maar we weten allemaal dat de financiële wereld altijd anders dan in het klantbelang heeft gedacht. In 2009, had je de kredietcrisis en riep de klant vanuit de diepte dat hij absoluut geen vertrouwen meer had in banken en verzekeraars. De politiek reageerde en stelde met de open deur dat het centraal stellen van het klantbelang de enige manier was om dit vertrouwen te herstellen.  

Na zes jaar roepen dat het klantbelang centraal moet staan, is het vertrouwen nauwelijks hersteld. Daarom maar weer eens een blog over het klantbelang. Dit keer wil ik dieper ingaan op het verschil tussen een slager en een assurantieadviseur.

 

Een verzekering is geen vlees

Ondanks het feit dat het een mooie alliteratie en assonantie is, is een verzekering inderdaad geen vlees. Hoe kom ik daar dan bij? Zeker als nieuweling in de branche, moet ik mijn vakliteratuur bijhouden. Ik ben dan ook een trouw lezer van de Assurantie Magazine signalen flash. Daarin staan vaak heel interessante artikelen over het klantbelang. Wat er óók in staat, zijn reacties van lezers en die zijn vaak nog onrustbarend interessanter. 

Bij bijna elk artikel over klantbelang staat een reactie van iemand die het klantbelang maar onzin vindt. “Klanten komen bij hem om een verzekering, en dus krijgen ze een verzekering van hem; hij weet immers wat het beste is voor zijn klant”.

Bij dit soort opmerkingen moet ik altijd terugdenken aan mijn jeugd, toen ik met mijn moeder boodschappen ging doen bij de slager op de hoek. Toen nog wel ja. Negen van de tien keer vroeg de slager dan na het snijden van het vlees: “mag het ietsje meer zijn?”. 

Bij de meeste assurantiepersonen speelt hetzelfde. Voor een dure verzekering krijgen zij meer provisie dan voor een goedkope, ondanks het feit dat die laatste wellicht beter is voor de klant. Dat ietsje meer vlees kan niet veel kwaad, en je hebt ook altijd de mogelijkheid om nee te zeggen. Zo niet bij de assurantieadviseur: hij verkoopt je een dure verzekering en is voor vaak een groot aantal jaren verzekerd van een hoge provisie. Geen wonder dat hij niet wil praten over het klantbelang. Dat gaat namelijk tegen zijn eigenbelang in.

 

Klantbelang of Geef de klant wat hij nodig heeft

Het klantbelang centraal stellen is niet hetzelfde als de klant centraal stellen. Handelen uit klantbelang betekent dat je alleen producten voert met voldoende toegevoegde waarde voor de klant. Het betekent ook dat je klanten soms moet adviseren iets niet te kopen of over te stappen naar een beter passend product. Kort gezegd , de klant centraal stellen is  “de klant geven wat hij wil” en het klantbelang centraal stellen is “de klant geven wat hij nodig heeft”. 

In termen van de slager: als een klant een stuk vlees wil, vraag je waarvoor hij het wil gebruiken, op basis daarvan kiest de slager het meest geëigende vlees; dat kan anders zijn dan wat de klant heeft gevraagd en kan zelfs het advies zijn iets vegetarisch te kopen. De slager is immers de expert. Dat ietsje meer is vaak niet te vermijden en wordt hem wel vergeven. Bij verzekeringen, mag het echter nooit ietsje meer zijn! Dat is immers tegen het klantbelang. Vandaar dat de provisie op leven- en hypotheekproducten inmiddels al is afgeschaft. Laat dat alsjeblieft ook snel gebeuren voor de provisie op schadeverzekeringen.

 

John Greijmans

februari 15th, 2016 · by John · Weblog NL

Op mijn blog van de afgelopen week (“De AFM, autoriteit of alleen maar autoritair?”) heb ik een aantal reacties gekregen, waaronder een telefoontje van de AFM zelf. In een overigens prettig gesprek heb ik de medewerker van de AFM de situatie wat duidelijker uitgelegd; zoals ik dat straks ook in dit blog zaal doen. Zij kon mij geen toezeggingen doen, maar zou de zaak nogmaals voorleggen aan de betrokken collega’s.

De overige reacties kan ik, in grote lijnen in twee categorieën onderbrengen: (1) niet duidelijk. En voor degenen die het wel duidelijk vonden: (2) te aardig. Daarom nogmaals een blog over de AFM, maar nu duidelijker en iets minder aardig.

Klantbelang in de verzekeringswereld.

In mijn blog, gaf ik het voorbeeld van een kleine assurantieadviseur. Deze wordt door een volmachtbedrijf (dat is een soort tussenpersoon tussen verzekeraar en een adviseur, die overigens op zijn beurt ook weer tussenpersoon is) gedwongen tot een handeling die tegen het klantbelang ingaat. Onze adviseur was namelijk een samenwerkingsovereenkomst aangegaan met het volmachtbedrijf, en één bepaling daarin is een inspanningsverplichting om zijn bestaande klanten over te zetten naar de portefeuille van het volmachtbedrijf.

De directeur-grootaandeelhouder (dga) van het volmachtbedrijf legt deze inspanningsverplichting echter uit als een resultaatverplichting: de adviseur moet zijn klanten overzetten; dat levert namelijk meer provisie op. Het volmachtbedrijf kan echter niet garanderen dat de klant er niet op achteruit gaat. Sterker nog de adviseur heeft zijn kennis bijgehouden en weet dat het voorstel voor een groot aantal klanten meer kosten en/of minder services betekent.

De adviseur, evenals het volmachtbedrijf en de betrokken verzekeringsmaatschappijen, is verplicht bij elke beslissing het klantbelang voorop te stellen. De adviseur gaat dus de discussie aan met de dga en krijgt nul op het rekest. Sterker nog de dga spant een rechtszaak aan, legt beslag op de bankrekeningen van de adviseur en sluit zijn administratie af. De adviseur heeft dus én geen geld meer én hij kan de informatie van zijn klanten niet meer benaderen. Is dat in het klantbelang mijnheer de dga?

AFM en klantbelang

De adviseur heeft in een vroeg stadium, conform verplichting, de situatie bij de AFM gemeld en de vraag gesteld of de bovenstaande zaak in strijd was met de WFT. De AFM weigert hier antwoord op te geven!. Nadat de rechtszaak is aangespannen herhaalt de adviseur de vraag. De AFM geeft nu aan dat vragen via een advocaat moeten worden gesteld.

De advocaat schrijft een brief en krijgt als antwoord: “De AFM geeft geen antwoord op dit soort vragen. De primaire reden daarvoor is dat het de verantwoordelijkheid van de onder toezicht gestelde partijen zelf is, om de WFT na te leven. Eventuele vragen met betrekking tot de WFT dienen door partijen zelf, dan wel hun adviseurs (advocaten enz.) te worden beantwoord. De AFM geeft alleen een (reikwijdte) oordeel, voor zover het aangelegenheden betreft die de AFM direct raken. De AFM ziet wat partijen bezighoudt, maar kan de vragen aldus niet beantwoorden. De AFM heeft daar in het algemeen ook geen slagkracht voor.” Nul op het rekest dus!

Nu duidelijk en minder aardig!

Schande! Het kan toch niet zo zijn, dat de adviseur een eed moet afleggen dat hij bij alles het klantbelang voorop moeten stellen, dat hij een blanco strafblad moet hebben en zich jaarlijks moet bijscholen, nu civielrechtelijk wordt geblokkeerd dat klantbelang na te leven.

Ongelooflijk! Een zichzelf “autoriteit” noemende toezichthouder zegt dat het klantbelang haar niet direct raakt, en grijpt niet in als een financiële partij (volmachtbedrijf) de wet overtreedt en de bij haar aangesloten bedrijven (adviseur) te gronde richt. En daar betaalt onze adviseur dan €6.000 voor, dat is 6% van zijn omzet!

Onbegrijpelijk! Hoe kan een toezichthouder wel autoritair regels vaststellen, maar vooraf niet willen beoordelen of iets conform de regels is, maar achteraf wel bestraffend optreden als blijkt dat de regels zijn overtreden. De rechtszekerheid is hier in het geding!

John Greijmans

december 8th, 2015 · by John · Weblog NL

Het verhaal van de woekerpolis is bij de meesten van ons bekend, maar het is altijd goed om het in herinnering te brengen. In 2009 bleek dat de inmiddels failliete Dirk Scheringa Bank (DSB) jarenlang consumptieve en hypothecaire kredieten had verkocht in combinatie met koopsompolissen: overlijdens- en arbeidsongeschiktheidsverzekeringen waarvan de premie in één keer werd meegefinancierd. Daarover werden provisies gerekend die konden oplopen tot 80 procent. En DSB was niet de enige die dit deed. Een onderzoek van de AFM richtte zich op zes grote verzekeraars, naast DSB is alleen de naam van SNS Reaal bekend. 

Sinds 2013 geldt er een provisieverbod voor financiële producten. Daardoor is het niet meer mogelijk beloningen weg te moffelen in de prijs. Zoals jarenlang wel gebeurde. Ook bij verzekeringen.  Is het onkruid van de provisie nu volledig uitgeroeid? Helaas, nee! Het woekert nog steeds voort. 

Om voor mij onduidelijke redenen bestaat de provisie op de zogenaamde ‘simple risk’ verzekeringen nog steeds. Voordat ik daarop inga, wil ik toch ook iets zeggen over het gebruikte adjectief. Hoe kun je nu een schijnbaar eenvoudig product als een scooterverzekering simpel noemen? Probeer maar eens de mogelijke consequenties van alle kleine lettertjes in de diverse polisvoorwaarden te doorgronden. Daar moet je een halve jurist voor zijn. 

Maar los daarvan. Op een schadeverzekering krijgt een adviseur gemiddeld 20 tot 30 procent provisie. Op zich is er niets verkeerds aan om een adviseur een beloning te geven, hij doet er immers werk voor. Stel echter dat mijn rijke neef een allrisk verzekering op zijn nieuwe Mercedes wil afsluiten. De jaarpremie is duizend euro, en de provisie dus driehonderd euro per jaar. Nu kom ik met mijn tweedehands Golfje. De jaarpremie is 250 euro en de provisie een schamele 75 euro. Voor hetzelfde werk krijgt de adviseur maar een kwart van wat hij voor mijn neef’s auto krijgt. 

Er zijn inderdaad politici die nivelleren een feestje vinden. Dat is uiteraard hun goed recht, we leven immers in een vrij en democratisch land. Maar het is natuurlijk niet de taak van een verzekeraar om een feestje te vieren op kosten van mijn neef. 

John Greijmans

november 26th, 2014 · by John · Weblog NL

Veel ondernemers zijn klein begonnen en hebben hun onderneming opgebouwd tot een groot en succesvol familiebedrijf. Zij kunnen en mogen daar trots op zijn. Ze hebben immers een prestatie neergezet. Wat zij echter vaak over het hoofd zien, is dat zij ook moeten zorgen voor een succesvolle opvolging. Iemand die het roer overneemt als de eigenaar met pensioen wil.

Veel ondernemers realiseren zich niet, dat het vaak moeilijker is een goede successieplanning te realiseren, dan hun bedrijf te verkopen. Voor dat laatste kun je adviseurs inhuren, iets wat niet altijd de juiste strategie is bij bedrijfsopvolging. Daarom hier, noodzakelijkerwijs geen advies, maar in ieder geval vier tips voor het formuleren van een succesvolle opvolgingsstrategie.

Wees open en transparant
Je hebt een familiebedrijf. Dus wil je voorkomen dat er om het bedrijf ruzie in de familie ontstaat, anders gaat het de verkeerde kant op, met de familie en met het bedrijf. Bespreek daarom regelmatig met je gezin en eventueel andere familieleden je ideeën over een mogelijke opvolging en doe dit lang voordat je daadwerkelijk gaat stoppen. Tast daarbij af hoe de mening is binnen je familie en kijk of er mensen zijn die eventueel jou willen en kunnen opvolgen.

Oud is niet altijd goed
De keus voor ouderdom is niet altijd de juiste. Veel ondernemers denken dat het oudste lid van de familie, de meeste ervaring heeft en daarom het best geëquipeerd is om de zaak over te nemen. Ouderdom biedt echter geen garantie voor continuering van het succes. Houd daarom alle opties open en probeer een alternatief (binnen de familie) te vinden dat en goed en voor iedereen acceptabel is.

Opvolging moet je plannen
De ervaring leert dat een succesvolle opvolging vaak het gevolg is van een lang planningsproces. Op tijd beginnen met plannen creëert namelijk de mogelijkheid om een gedetailleerde opvolgingsstrategie uit te werken. Je kunt duidelijk de rollen definiëren voor je familieleden en hen voorbereiden op hun toekomstige bijdrage.

Daarnaast is een sterk en goed doordacht plan een kans om familieleden op te leiden en te zien of ze voldoende zijn voorbereid om hun toekomstige rol binnen de onderneming te vervullen. Ook kan er op tijd rekening worden gehouden met de financiële fiscale en juridische aspecten die spelen bij opvolging, binnen of buiten de familiekring. Zorg ervoor dat je daar op tijd advies over inwint.

Kijk ook naar buiten
Het is begrijpelijk en natuurlijk dat je wilt dat je opvolger iemand uit je familiekring is. Echter, soms is het toch de beste keus iemand van buiten te halen. Jij als eigenaar kunt expertise en capaciteiten hebben die niet bij je kinderen aanwezig zijn. In die gevallen is het beter iemand van buiten de familie aan te stellen om je bedrijf succesvol te laten doorgroeien. Je familie kan daarvan weer mee profiteren.

John Greijmans

oktober 25th, 2014 · by John · Weblog NL

Veel geslaagde ondernemers verkopen op enig moment hun bedrijf en ontvangen daarvoor vaak veel geld. Ze zijn geslaagd! Ze zijn vijfenzestig jaar en vaak nog jonger, en hebben een vermogen. Wat ga je daarmee doen? In één keer opmaken lukt niet. Het geld op de bank zetten, brengt nauwelijks meer op dan de vermogensrendementsheffing en geld zelf beleggen in (beursgenoteerde) effecten is niet eenvoudig. Veel oud-ondernemers kiezen dan voor vermogensbeheer.

Wat is vermogensbeheer?

Vermogensbeheer ook wel investment of asset management genoemd, is het beheer van vermogens door daarin gespecialiseerde organisaties of personen. Dit kan op individuele of op collectieve basis gedaan worden. Collectief beheer vindt plaats via beleggingsfondsen (vrijwillig) of pensioenfondsen (verplicht).

Aangezien we het over oud-ondernemers hebben, ligt de focus in dit artikel bij individueel vermogensbeheer. Je vertrouwt je vermogen toe aan een beheerder om daarmee voor jou te beleggen en rendement te creëren. Er worden afspraken gemaakt over hoe dat beheer wordt uitgevoerd, welke vrijheid de beheerder heeft bij zijn aan- en verkoopbeslissingen en de wijze waarop hij aan jou rapporteert.

Wat doet een vermogensbeheerder?

De gebruikelijke gang van zaken is dat vermogensbeheerder en opdrachtgever samen vaststellen wat het doel van het beheer is. Een belangrijk punt van aandacht daarbij is de risicotolerantie: hoe erg vindt onze oud-ondernemer het, als er een keer een (fors) negatief rendement wordt gehaald?

Op basis van de uitkomsten van het intakegesprek wordt een beleggingsprofiel vastgesteld. Dat kan variëren van zeer defensief tot zeer offensief. Een defensieve belegger wil weinig risico lopen om zijn vermogen te verliezen. Hij accepteert dat er een kleinere kans op een hoger rendement is. Een offensieve belegger maakt een grotere kans op een hoger rendement, maar is bereid zijn financiële klap te incasseren als het onverhoopt niet goed gaat met de belegging.

In veel gevallen vindt er tussen opdrachtgever en beheerder periodiek overleg plaats waarin de resultaten van het gevoerde beleid worden besproken en het beleid voor de komende periode wordt vastgesteld.

Opleidingseisen en toezicht

Het beleggen van vermogen is risicovol. Er kunnen grote winsten worden gemaakt, maar onze oud-ondernemer zou ook alles kunnen verliezen. Daarom worden er hoge eisen gesteld aan het kennisniveau van vermogensbeheerders en is het toezicht wettelijk geregeld.

De opleidingseisen voor vermogensbeheerders zijn sterk verzwaard. Minimaal wordt een opleiding in de economische sfeer op HBO-niveau gevraagd. Vaak aangevuld met specialistische opleidingen zoals de Nederlandse VBA- of de Amerikaanse CFA-opleiding.

Toezicht op vermogensbeheerders vindt op diverse niveaus plaats. Financiële instellingen en hun werknemers (vermogensbeheerders, adviseurs en handelaren) zijn geregistreerd bij het Dutch Securities Institute (DSI). De vermogensbeheerder is daarmee onderworpen aan de tuchtrecht van het DSI.

Als de oud-ondernemer klachten heeft over de wijze waarop hij door de vermogensbeheerder is behandeld kan hij een klacht indienen bij het DSI. Deze kan in zijn beslissing een geldelijke vergoeding toekennen. Het DSI kan echter ook op eigen initiatief maatregelen vorderen bij zijn tuchtcommissie.

Consumenten van financiële diensten kunnen zich ook wenden tot het Klachteninstituut Financiële Dienstverlening (Kifid). Sinds 1 april 2007 heeft het Kifid een aantal taken van het DSI overgenomen. De Ombudsman van het Kifid en in tweede instantie de Geschillencommissie kunnen een bindend advies geven bij geschillen tussen consumenten en vermogensbeheerders.

Tot slot…

Op deze manier kan onze oud-ondernemer relatief rustig van zijn oude dag genieten, Relatief, want bij beleggen blijft het risico bestaan dat er geld verloren wordt…

John Greijmans

 

januari 31st, 2014 · by John · Weblog NL

In het bedrijfsleven begint het rond april, de financiële planning cyclus (planning and control cycle). In april is er een strategisch plan dat rond oktober wordt geoperationaliseerd tot een jaarplan (budget). In januari volgt een terugblik (review) op het voorgaande jaar, en de leerpunten daaruit worden gebruikt in de volgende cyclus. Een proces van continue verbetering (continuous improvement) is daarmee in gang gezet.

Wat goed is om bedrijven te besturen is ook van toepassing op je persoonlijke situatie. Alles wat je doet in je leven – en dat je wilt laten slagen – vereist planning. Of het nu de planning van een weekendje uit betreft, of de complete verbouwing van je woning. Planning is belangrijk omdat het je helpt de toekomst te organiseren. Persoonlijke financiële planning is belangrijk omdat je daarmee, in ieder geval kunt aansturen dat je je in de toekomst je financieel geen zorgen hoeft te maken.

Het plannen van je financiële toekomst is niet iets wat je tussen neus en lippen door kunt doen. Het vereist voorbereiding omdat het waarschijnlijk alle aspecten van je leven zal raken. Daarnaast moeten conflicterende doelstellingen, bijvoorbeeld die op lang en korte termijn tegen elkaar worden afgewogen.

De eerste stap in je persoonlijke planning is een overzicht van je maandelijkse inkomsten en kosten. Daarnaast breng je in kaart brengen hoeveel spaargeld je hebt en welke grote eenmalige uitgaven (bijvoorbeeld een nieuwe auto) er de komende jaren te verwachten zijn. Weten hoeveel je hebt of binnenkrijgt én weten waar je geld naar toegaat, is een noodzakelijke voorwaarde om je uit eventuele financiële problemen te houden. Al na een paar maanden wordt het duidelijk wat je in je inkomsten- en uitgavenpatroon moet aanpassen om financieel zorgeloos te leven.

Het uiteindelijke doel van persoonlijke financiële planning is een comfortabele oude dag, of na nu op je vijfenzestigste, je zevenenzestigste of nog later is. Niemand kan de toekomst voorspellen. Maar door je voor te bereiden op dat wat waarschijnlijk gaat gebeuren, neem je met een goed persoonlijk financieel plan een groot deel van de onzekerheid weg.

In een groot aantal gevallen zal het zo zijn dat een simpel overzicht van inkomsten, kosten, spaargeld en grote uitgaven niet volstaat. Daarnaast kun je niet alleen doelen hebben voor je zelf, maar wil je bijvoorbeeld ook zorgen dat je kinderen en kleinkinderen goed terecht komen. In die gevallen is het raadzaam een professionele persoonlijke planner in te huren. Ook in de meest complexe situaties kan die zorgen voor een onbezorgde toekomst voor jou en je (klein-) kinderen.

Maar je moet toch tegenwoordig voor financieel advies betalen? Dat is waar, maar dat moest je vroeger ook. Alleen was het toen verborgen in de provisies die de bank of verzekeraar je aanrekende. Het leek gratis, maar provisies waren torenhoog. Je hebt nu de keus, om of naar de bank te gaan of naar een onafhankelijke financiële planner. In beide gevallen kost het geld, maar wie wil niet in een zorgeloze toekomst investeren?

John Greijmans

oktober 14th, 2013 · by John · Weblog NL

In 2008 werd een nieuw financieel product geproduceerd, het banksparen. Dit product maakt het mogelijk om fiscaal vriendelijk vermogen op te bouwen. Een bankspaarrekening is een geblokkeerde rekening waarop je geld spaart. De rekening mag alleen onder bepaalde voorwaarden worden gedeblokkeerd. In plaats van sparen, kunt je bij banksparen ook kiezen voor beleggen.

Voordelen van het banksparen
Banksparen is net als sparen (beleggen) bij de bank. Er zijn echter twee verschillen en dat zijn dan ook direct de grote voordelen. Op spaarrekeningen van de bank wordt netto geld gestort. Dat is dus geld waar al inkomstenbelasting over is afgedragen. Bij banksparen mag een brutobedrag worden ingelegd. In principe mag je van een normale spaarrekening altijd geld opnemen. Bij banksparen is dat niet mogelijk. De rekening is geblokkeerd. Daar staat tegenover dat, zolang de rekening geblokkeerd is, je geen vermogensrendementheffing betaalt.

Er zijn dus twee fiscale voordelen van banksparen:
• Je mag een brutobedrag inleggen wat betekent dat je niet nu, maar wel in de toekomst (!) belasting moet afdragen.
• Over het opgebouwde vermogen hoef je geen 1,2% vermogensrendementheffing af te dragen.

Waar kun je banksparen voor gebruiken?
Banksparen kun je gebruiken voor extra pensioen, maar alleen als je een pensioentekort hebt. Sparen voor de aflossing van je hypotheek is alleen mogelijk voor huizen gekocht vóór 2013. Maar wellicht wordt ook die regeling weer aangepast. Het is ook mogelijk om een ontslagvergoeding te storten op een bankspaarrekening. Voor sparen voor je uitvaart, krijg je zelfs een extra korting op de vermogensrendementsbelasting.

Moeten we daarom allemaal gaan banksparen?
Banksparen heeft niet alleen voordelen. Er zijn ook grote nadelen. Banksparen is geblokkeerd sparen. Je hebt dus niet de vrije beschikking over je geld. Daarnaast heb je weliswaar een fiscaal voordeel, maar dat brengt een veelheid van fiscale regels met zich mee. Banksparen is ook duurder dan gewoon sparen.

De nadelen van banksparen beginnen al bij de opening van een bankspaarproduct. De (advies-) kosten daarvan lopen van enkele tientjes tot meer dan duizend euro bij de duurste raadgevers. Vaak heb je geen advies nodig, maar ook zonder advies heft je bank vaak meer dan honderd euro entreekosten.

Als de bankspaarrekening uiteindelijk gaat uitkeren, staat de fiscus klaar met een belastingaanslag plus uitkeringseisen. Je bankpensioen moet ingaan tussen je 65ste en 70ste, en vaste en gelijkmatige uitkeringen doen. Wil je voor je 65ste een uitkering, dan moet die doorlopen tot je 85ste. De uitkeringsperiode moet minimaal vijf jaar zijn als je jaarlijks hooguit 20.953 euro krijgt uitgekeerd. Krijg je meer, dan is de uitkeringsfase minimaal 20 jaar. Verder mag je het tegoed niet schenken of verpanden. Ineens laten uitkeren, kan alleen als je minder dan 4.242 euro hebt gespaard. Anders betaal je naast de inkomstenbelasting 20% revisierente. Maximaal dus 72%. Sommige banken rekenen daarnaast ook bij uitkering kosten.

Dus dan maar toch géén banksparen?
Nee, dat is te kort door de bocht! Als je een relatief groot bedrag – groter dan de vrijstelling voor de vermogensrendementheffing – binnenkrijgt voor bijvoorbeeld een ontslagvergoeding kan banksparen een oplossing zijn. Je moet dan wel zeker weten dat je het geld binnenkort niet nodig hebt, en dat je later een lager belastingpercentage betaalt dan nu. In andere gevallen wegen de extra kosten en grote regeldruk niet op tegen de fiscale voordelen, hoe aanlokkelijk die ook mogen lijken.

John Greijmans

 

« Older Entries